Het ingebouwde moralisme van verzoenings-tv

Zand erover

Tv-programma’s als Het familiediner en Bonje met de buren zitten vol gratuite kletspraatjes over berouw en vergiffenis. Welk nut dienen die publieke tranen?

Medium groene verzoentv 232

Stel je voor dat het jou gebeurt. Op een willekeurige, doordeweekse dag gaat de bel, natuurlijk juist op een ochtend dat je er nogal doordeweeks en piekharig bij loopt, en als je nog half slaperig opendoet staan er twee mannen op de stoep: de ene duwt je een bos bloemen onder je neus en de andere bedient een draaiende camera. Of je maar even naar buiten wilt stappen om te raden wie je dit uitbundige ‘het-spijt-me-zo-boeket’ heeft gestuurd. Wat doe je dan? Accepteer je ruimhartig de excuses en beloof je om op een later tijdstip in de tv-studio te verschijnen om de berouwvolle afzender aan je boezem te drukken, voor het oog van een applaudisserend studiopubliek op de tribune? Of hou je je poot stijf en trek je je weer terug achter de voordeur?

Dat was het format van het rtl-programma Het spijt me, dat later verhuisde naar sbs, en het resultaat was doorgaans vrij pijnlijk. De meeste mensen hadden namelijk geen idee welke ruzie hier zo nodig en public moest worden bijgelegd, en stonden met diepe denkrimpels in hun voorhoofd naar die bos rozen te staren, alsof ze onverwachts een moeilijk examen moesten doen.

De ontvanger kon zich van zijn of haar meest genereuze kant laten zien en sportief het spelletje meespelen, in de wetenschap dat die houding de meeste punten op zou leveren, want dat zien we allemaal graag: vergiffenis, begrip, verzoening, zand erover en opnieuw beginnen. En tranen uiteraard, heel veel tranen. Van blijdschap, mocht je hopen, als kijker.

De tweede optie – de cameraploeg ijskoud wegsturen en de verdenking op je laden dat je een star, haatdragend type bent, zo iemand met ellenlange tenen en een hart van steen – werd dan ook veel minder vaak gekozen, want zo wil niemand graag in beeld komen, dat levert alleen maar strafpunten op.

De derde mogelijkheid – eerlijk bekennen dat de hele kwestie je volkomen koud laat en dat je er nog geen nacht minder om hebt geslapen – was evenmin uitnodigend, want ook dat klinkt behoorlijk harteloos. Vooral omdat degene die het initiatief tot dit alles had genomen het hierboven geschetste tafereel zowel te zien als te horen zou krijgen, want die zat een week later snotterig bij Caroline Tensen op de bank om naar de betreffende opname te kijken, met een dik pak tissues binnen handbereik, in afwachting van het moment dat de deur open zou zwaaien waar de gegriefde partij zich al dan niet achter bevond. Tromgeroffel, suspense!

En vervolgens dus die vloed van tranen, die ontbrak nooit, hoe het ook afliep. Want zo hoort dat nu eenmaal bij emotie-tv.

Hoe de formule van Het spijt me zich in latere jaren heeft ontwikkeld heb ik niet gevolgd, want sbs legde de presentatie in handen van John Williams, een tv-personality waar ik toevallig allergisch voor ben, maar wat ik wel heb gezien is dat het programma inmiddels school heeft gemaakt. En hoe!

Een van de navolgers is bijvoorbeeld Het familiediner, van de EO, waarin de onnozele Bert van Leeuwen op zoek gaat naar de oorzaak van allerlei slepende brouilles en familievetes. Altijd in de hoop dat hij de strijdende partijen kan overhalen om in een limousine te stappen en de maaltijd met elkaar te gebruiken aan een feestelijk gedekte tafel in een aangenaam restaurant. Ook voor het suspense-element wordt in dit programma volop gezorgd, want de limousine heeft geblindeerde ramen, dus het blijft tot het allerlaatste moment spannend of er ook echt iemand in zit, of dat één of zelfs beide partijen bij nader inzien hebben besloten om het te laten afweten.

Die mogelijkheid is niet denkbeeldig, zoals bleek in de uitzending waarin het openzwaaiende autoportier onthulde dat er slechts een envelop op de achterbank lag. Degene die met de hand over haar hart had moeten strijken, ene tante Anneke, wenste haar neef en zijn vrouw in een briefje nog een lang en gelukkig leven toe, maar liet ook weten dat er helaas ‘te veel gebeurd was’ en dat ze ‘geen behoefte had aan hervatting van het contact’. Een beetje beteuterd zat het echtpaar in kwestie vervolgens alleen met Bert van Leeuwen aan de dis, en had zichtbaar moeite om de passende gelaatsuitdrukking voor deze gelegenheid te vinden. Tranen kwamen daar voor de verandering nu eens niet aan te pas.

Tja, dat is het risico, en het pleit in ieder geval voor de redactie van het programma dat ze ook bereid zijn om een ‘mislukking’ in beeld te brengen.

Een andere loot aan deze stam is Bonje met de buren, gepresenteerd door de onvermijdelijke Patty Brard, maar voor het overige bleek dit een heerlijk dellerig programma te zijn, waarin ordinair gescholden mag worden. Althans in de aflevering die ik zag, want die speelde zich af in een volksbuurt waar ‘kankerhoer’ wel het minste wapen is dat je in de strijd gooit als je de buurvrouw op het verkeerde van haar gedrag wilt wijzen.

Je kunt je de vermaledijde emotiepolitie van het lijf houden door de deur voor de cameraploeg dicht te smijten

Twee verbolgen dames, zo te zien van Indische komaf, moeder en dochter, mochten voor de camera uitleggen dat het allemaal begonnen was toen de benedenbuurvrouw het onkruid in haar tuin probeerde te verdelgen door daar met een waterpistool gif op te spuiten. Dat gif wolkte dan omhoog en kwam op de verdieping daarboven ‘helemaal tot achter in de slaapkamer!’. De dames durfden niet eens meer een wasje op het balkon te hangen, zo ver was het al gekomen.

Medium groene verzoentv

Maar daar was de tegenpartij niet bepaald van onder de indruk, want wat háár was aangedaan was vele malen erger. Haar poes was nota bene voor de deur doodgereden, die had ze bij thuiskomst ontzield aangetroffen op de vensterbank, en die lui van één-hoog wilden toch zeker niet beweren dat zij dat niet op hun geweten hadden?! Omstanders hadden het zelf gezien. En dan had ze het nog niet over die keer dat iemand ‘slet’ en ‘viese hoer’ op haar voordeur had gekalkt. Nou, driemaal raden wie dat nou weer gedaan had!

Zo ging het nog even door, terwijl Patty Brard slap van het lachen in haar stoel hing, wat me een zeer gepaste reactie leek. Maar het allermooiste moest nog komen, toen de bejaarde moeder van de benedenbuurvrouw zich ermee ging bemoeien en op de vraag van Patty Brard – waar dit gesprek idealiter toe moest leiden en hoe ze hoopten dat het nu verder zou gaan – handenwringend uitriep: ‘Ik wil alleen maar weten waarom het nou niet ánders ken! Wég met die ellende!’

Kortom, het was volkstoneel van hoog niveau. Herman Heijermans zou zich er niet voor hebben hoeven schamen.

De vraag is natuurlijk wel wat al die indiscrete kijkjes in andermans keuken voor nuttig effect hebben, behalve het verhogen van de kijkcijfers. De programmamakers schermen uiteraard graag met ‘verzoening’ als sociaal wenselijke uitkomst, wat tevens hun raison d’être zou zijn, en plaatsen zichzelf dus op de stoel van de relatietherapeut of de maatschappelijk werker. Ze nemen de rol op zich van objectieve deskundige, een neutrale instantie die bemiddelt en de mensen zodoende ‘nader tot elkaar brengt’. Maar als je goed kijkt zie je dat ze die pretentie niet waarmaken, en dat kan ook helemaal niet, want door de opzet van dit soort programma’s ontkom je niet aan wat ik maar ‘ingebouwd moralisme’ zal noemen.

Want – zoals ik in het begin al aangaf – hoe zou je zélf reageren op zo’n overval? Een goede oplossing is er namelijk niet. Degene die het initiatief neemt en op verzoening aanstuurt, zet de andere partij voor het blok, en pleegt dus in feite emotionele chantage. En daar kun je voor zwichten, met een verzoening at gunpoint als resultaat, of je kunt je de vermaledijde emotiepolitie van het lijf houden door de deur voor de cameraploeg dicht te smijten, maar dan heb je je onherroepelijk laten kennen als de ‘schuldige’: de man of vrouw met de harde kop die niet tegen kritiek kan. De initiatiefnemer heeft dus automatisch gewonnen, hoe dit plannetje ook uitpakt.

Ik kan me dan ook niet voorstellen dat zulke openbare ‘verzoeningen’ lang beklijven. Want het is één van tweeën: of de ruzie stelt niets voor, en dan hadden de betrokkenen veel beter gewoon de telefoon kunnen pakken om het conflict de wereld uit te helpen, of er is wel degelijk iets ernstigs aan de hand en dan ligt de oorzaak altijd veel dieper dan zo’n flutgesprekje met Bert van Leeuwen of Patty Brard boven tafel kan krijgen.

Er valt trouwens ook zuiver emotionele winst te boeken, voor de instigator van zo’n publiek ritueel van berouw en vergiffenis, want de televisieploeg treedt bij die gelegenheid niet alleen op als therapeut en scheidsrechter, maar vervult en passant ook de rol van (katholieke) biechtvader. Je belt rtl of sbs, en vervolgens mag je uitvoerig je zonden belijden ten overstaan van de ganse gelovige gemeente, in de geruststellende wetenschap dat een volle aflaat gegarandeerd is. Misschien wordt die je niet altijd gegund door de persoon die je hebt gekwetst, althans niet echt van harte, maar het studiopubliek klapt sowieso en de presentator bedankt je voor de medewerking en voor je verregaande, loffelijke openhartigheid Je kunt het gewoon niet verkeerd doen.

In zijn boek Haven in a Heartless World (1977) heeft de Amerikaanse cultuurcriticus Christopher Lasch er al op gewezen dat het gezin, en in wijder verband de familie, hoe langer hoe minder in staat was om een eigen besef van moraal en ethiek hoog te houden en aan opgroeiende kinderen door te geven. Niet alleen bleken ouders en opvoeders aan autoriteit te hebben ingeboet na de Tweede Wereldoorlog, mede als gevolg van de verbluffende manier waarop de jeugd in de jaren zestig de macht greep en het gezag uitlachte, maar die ouders en opvoeders zelf waren er ook niet meer van overtuigd dat ze de wereld goed genoeg begrepen om hun kinderen de weg te kunnen wijzen.

Wat geen wonder mocht heten, want erkende pedagogen als dokter Spock verkondigden een dubbele boodschap. Enerzijds werd ouders op het hart gedrukt dat ze vooral hun ‘gevoel’ moesten volgen, warmbloedig, spontaan en intuïtief, maar anderzijds duidde het simpele bestaan van Spocks kinderbijbel er al op dat ze er eveneens verstandig aan deden om te rade te gaan bij ‘deskundigen’ op dit gebied.

Goede vrienden spreken zoiets uit, al is het maar per telefoon. Ontslagbriefjes stuur je naar de glazenwasser

Wat voor de opvoeding gold, manifesteerde zich ook op andere terreinen. Of het nu ging om gezonde, volwassen relaties of bevredigende seks of creatieve zelfontplooiing, voor alles bestond een selfhelp book – en meestal aanzienlijk meer dan één – waaruit je kon leren hoe je dat ideaal moest bereiken. Doorgaans met tal van verwijzingen naar sociaal-wetenschappelijk onderzoek dat de zienswijze van de auteur kon staven. Daar werden de lezers niet altijd gelukkiger van, maar over het algemeen wel een stuk onzekerder.

Lasch wijst een aantal oorzaken aan voor die ontwikkeling, zoals de anonimisering en massificatie in de grote westerse steden als gevolg van de toegenomen welvaart en sociale mobiliteit, maar waarschuwt vooral voor de gevolgen: gebrek aan zelfredzaamheid en zelfvertrouwen, zowel in de politieke als in de persoonlijke sfeer. Hij voorzag een toekomst waarin het de gemiddelde burger totaal zou gaan ontbreken aan een moreel kompas, zodat alleen het hedonistische korte-termijnbelang van elk afzonderlijk individu overbleef als richtsnoer voor de omgang met anderen, ten koste van traditionele waarden als empathie, gemeenschapsgevoel en solidariteit. Een stelling die hij later uitwerkte in zijn fameuze bestseller The Culture of Narcissism.

Hij heeft gelijk gekregen. Waarschijnlijk zelfs veel meer gelijk dan zijn pessimisme hem in 1977 ingaf, toen de televisie nog in haar kinderschoenen stond en de sociale media er nog niet waren. Want waar eens dokter Spock regeerde, is Dr. Phil gekomen, en die vertelt dagelijks – met onnavolgbaar aplomb – aan een miljoenenpubliek hoe het leven geleefd dient te worden. Ook Dr. Phil is een aartsmoralist, die zich daar niet voor schaamt of excuseert: hij preekt openlijk vanaf de kansel en bestraft de zondaren, als het zo uitkomt.

Daar kunnen de makers van Het spijt me, Bonje met de buren en Het familiediner nog veel van leren, al is er op het eerste gezicht sprake van verwantschap. Ook Dr. Phil stelt immers relationele conflicten aan de orde en streeft naar een oplossing. Toch is er een essentieel verschil. Dr. Phil is een professional, een arts en psychiater met een lange staat van dienst in de gezondheidszorg en de hulpverlening. En uit dien hoofde weet hij als geen ander dat je een conflict niet ‘oplost’ door er een camera op te zetten en de betrokkenen een uurtje met elkaars bezwaren en grieven te confronteren. Waarna tranen, waarna verzoening.

De toedracht van het conflict interesseert hem namelijk maar matig. Hij hoeft niet precies te weten wat hij deed, en wat zij er toen uitflapte in haar kippendrift, en waarom het vervolgens escaleerde, want die verhalen maken deel uit van het verleden en dat verleden valt niet ongedaan te maken. De enige vraag die volgens Dr. Phil aan de orde zou moeten komen is: wat willen jullie nog van of met elkaar, en waartoe zijn jullie bereid om dat ook te realiseren? Of, in zijn eigen woorden: get real.

Vergiffenis schenken aan iemand die je iets heeft aangedaan is in zijn optiek dan ook niet zo vreselijk belangrijk, dat is hoogstens de eerste stap. Een stap die je bovendien vooral moet zetten ten bate van jezelf, omdat je niet levenslang gehinderd wilt worden door gevoelens van woede en wrok, waardoor je in dat pijnlijke, door verongelijktheid beheerste verleden blijft hangen. Tot vergiffenis kun je besluiten, op rationele gronden, zonder dat je je daardoor verplicht hoeft te voelen om de ‘dader’ grootmoedig in je armen te sluiten.

De emotionele tegenpool van liefde is namelijk niet haat, maar onverschilligheid, en soms is dat alles wat erin zit en moet je daar gewoon aan toegeven. Openlijk, zonder hypocriet gedoe, en zonder je iets gelegen te laten liggen aan de alomtegenwoordige emotiepolitie. Alleen als de ander je nog genoeg kan schelen, genoeg in ieder geval om tijd en energie te willen spenderen aan een hele reeks moeizame herstelwerkzaamheden, kan er sprake zijn van een echte ‘verzoening’. Zo een die langer duurt en dieper gaat dan een gratuit kletspraatje met Patty Brard.

Laat ik uit eigen ervaring putten, om het concreet te houden. Ooit werd mij de vriendschap opgezegd door een vriendin met wie ik al veel lief en leed had gedeeld, wat ik spijtig vond, want zulke vriendinnen liggen niet voor het oprapen. En dat ze me dat schriftelijk liet weten, op een velletje geschept briefpapier met monogram, uitgevoerd in zacht lila als ik me goed herinner, vond ik extra kwetsend en eigenlijk – met een groot woord – onvergeeflijk. Goede vrienden spreken zoiets uit, al is het maar per telefoon. Ontslagbriefjes stuur je naar de glazenwasser of naar de instantie waar je je reisverzekering bij hebt ondergebracht.

Ik zei dus niets terug, legde me neer bij haar afwijzing en mokte in stilte.

Maar het kon nog erger, want na verloop van maanden stapelde mijn gewezen vriendin zowaar ook nog insult upon injury door me een recensie-exemplaar te sturen van haar eerste boek, kennelijk in de hoop dat ik het zou willen bespreken in de wekelijkse non-fictierubriek die ik destijds bestierde.

Zo veel onverholen opportunisme vond ik tamelijk brutaal, op z’n minst, en ik besloot om wraak te nemen op de hooghartigste, meest vernietigende manier die ik kon verzinnen: ik besprak het boek en overlaadde het met lof.

Was ik in haar plaats geweest, dan zouden de blossen van schaamte nog wekenlang achter mijn oren hebben gestaan, maar tot mijn verbijstering kwam ze niet veel later onaangekondigd eventjes bij mij aanwippen, zomaar, voor de gezelligheid, en babbelde er opgewekt op los. Blijkbaar in de veronderstelling dat mijn lovende recensie moest worden opgevat als een handreiking, of wie weet: een boetedoening voor vergrijpen waarvan ik me niet eens bewust was, omdat ze niet de moeite had genomen om die aan mij kenbaar te maken. Zodat alles nu weer koek en ei was tussen ons.

Kijk, dat bedoel ik als ik zeg dat vergiffenis van een compleet andere morele orde is dan verzoening, want het is haar inmiddels vergeven, zelfs dat lila briefpapier neem ik haar niet langer kwalijk, maar bij mij komt ze er nooit meer in. Een verzoening is niet niks, die moet je verdienen, anders kun je je maar beter koest houden en je berouw en behoefte aan vergeving omzetten in een donatie voor de kankerbestrijding.