Zapatista-leider verklaart zichzelf dood

Mexico-Stad – ‘Dit zijn mijn laatste woorden in het openbaar voor ik ophoud te bestaan.’ De volgelingen van subcomandante Marcos zijn wel gewend dat hij in raadselen spreekt, maar deze keer ging hij wel heel ver. Is de leider van de zapatistische guerrillabeweging eindelijk weer eens uit het oerwoud te voorschijn gekomen en wat is zijn boodschap? Hij verklaart zichzelf dood.

Vijf jaar lang had de buitenwereld ‘el Sup’ niet gezien, en plotseling was hij daar, op een herdenkingsbijeenkomst in La Realidad, de ‘hoofdstad’ van het zapatistische gebied in de zuidelijke Mexicaanse staat Chiapas. De leider van de indianenopstand noemde zich ironisch ondercommandant Marcos. Dat bleek later de alias te zijn van de voormalige blanke universiteitsdocent Rafael Sebastián Guillén. Jarenlang wist hij op vrolijke wijze de media te bespelen, via zijn laptop vanuit de jungle, met pagina’s lange communiqués waarin hij de halve wereldliteratuur overhoop haalde.

In 2007 meldde hij zich ‘voor een flinke tijd’ uit het openbare leven terug te trekken. Sindsdien werd slechts een enkele keer van hem vernomen. Hardnekkige geruchten wilden dat hij dood was, of op z’n minst doodziek. Dat kwam hij nu persoonlijk allemaal ontkennen, tijdens de herdenking van José Luis Solís López, een van zijn naaste medewerkers die op 2 mei was vermoord bij een uit de hand gelopen vechtpartij met leden van een concurrerende groepering.

De inmiddels 57-jarige subcomandante verscheen als gebruikelijk: te paard, camouflagepak en -pet, rode zakdoek om de hals geknoopt en een bivakmuts over het hoofd. De traditionele pijp ontbrak, in plaats daarvan had hij nu een piratenlapje compleet met doodskop en gekruiste botten voor zijn rechteroog. ‘Ik ben niet ziek en ik ben niet ziek geweest. Ik ben niet dood en ik ben niet dood geweest’, sprak hij op zijn bekende ironische toon. ‘Als wij die geruchten hebben gevoed, dan is dat omdat het ons uitkwam.’ Hij analyseerde zijn rol in twintig jaar zapatisme en brandde die tot de grond af: ‘Marcos was van een woordvoerder een afleider geworden. Als jullie me toestaan het personage Marcos van toen te definiëren, dan zeg ik zonder voorbehoud dat hij een verklede pop was.’

Tijd voor een nieuwe gedaanteverwisseling. Marcos moest sterven. De nom de guerre van de vermoorde Solís López was Galeano, ontleend aan de Uruguayaanse schrijver Eduardo Galeano. ‘Door hem te vermoorden en welke andere zapatista ook denkt de elite het ezln te vermoorden. Wij geloven dat het nodig is dat een van ons sterft opdat Galeano leeft. Ik verklaar hierbij dat hij die bekend staat als subcomandante Marcos, de zelfverklaarde ondercommandant van roestvrij staal, ophoudt te bestaan.’