Zee van leed

‘No man has the right to own a woman’s vagina.’ Fela Anikulapo Kuti zei het al, en beter kan ik het onmogelijk verwoorden. Daarom wou ik het over iets heel anders hebben.

Iedereen weet inmiddels, of zou moeten weten, dat geluk geen vruchtbare bron is voor een schrijver. Dat wil zeggen: hij mag zelf best gelukkig zijn, maar als onderwerp is het waardeloos. Een enkel gedicht over de ogen van je meisje toen je haar voor het eerst kuste, een sonnetje over die zoele middag in de duinpan, soit. Maar een hele roman over een gelukkig gezin? Elke ochtend weer die blije blonde smoeltjes aan de ontbijttafel? Elk kwartaal weer de complimenten van het schoolhoofd, dat ze ’t zo goed doen? Nooit eens een kotsende baby? Nooit eens een knetterende wind onder de lakens? Nooit eens de gruwelen van het langdurige, nooit ontdekte overspel? Het is bij mijn weten nog nooit geprobeerd, een hele roman over ongecompliceerd geluk, en terecht. De grote aantrekkingskracht van het lezen is de zee van leed waar de literatuur op drijft. Leed? Graag, hoe meer hoe beter. Hoe meer leed, hoe langer we kunnen doorlezen - al zal elke lezer volhouden dat het gaat om de ‘prachtige sfeertekeningen’, 'schitterende stijl’, en natuurlijk: 'de enorme herkenbaarheid’. Het geeft geen pas te genieten van andermans ellende.
Dat geeft rare gevolgen. Lezers die zich handenwrijvend naar de boekhandel begeven om het in de kranten opgehemelde 'mooie tragische verhaal van een onmogelijke liefde’ te kopen, zouden meteen rechtsomkeert maken als op het achterplat van dat boek stond: 'Deze roman gaat over de incestrelatie binnen een disfunctionele familie die tot de laatste man uitgemoord wordt door de jaloerse schizofrene buurman, nadat hij eerst zijn volledige veestapel heeft geslacht en zijn beide dochtertjes heeft verkracht.’ Geef toe: het is geen oninteressant thema. Het biedt vele mogelijkheden voor een schrijver, maar er is geen uitgever die het boek zo zal promoten. Er zijn al boeken zat die geen mens wil kopen, al gaat de boekhandelaar op zijn kop staan en de uitgever erbij, en daarom hebben uitgeverijen een afdeling Promotie & Publiciteit, die ervoor heeft te zorgen dat de uitgever niet op zijn kop hoeft te gaan staan. Die afdeling zal dus op het omslag en in het persbericht zetten: 'Deze schrijnende roman behandelt het thema van de familieverhoudingen op een openhartige maar ingehouden toon.’ Dit zodat de lezer zeker weet dat hij/zij een verheffend boek leest. Lezers kopen wel een boek dat wordt aangeprezen als 'de Nederlandse Isabel Allende’ en niet 'een oergezellige keukenmeidenroman’. Daarom wordt het boek van een jonge, goed ogende debutante gebracht als 'sensationeel coming-of-age-debuut’ en niet als 'geile verhalen uit meisjes-studentenhuis’, al zou dat meer conform de waarheid zijn.
Hebt u zich dat wel eens gerealiseerd, dat je overdag nietsvermoedend rondloopt tussen types die ’s avonds het ene na het andere ellendige verhaal verslinden en dat niet willen weten? Dan liever een seriemoordenaar die er eerlijk voor uitkomt.