Zeer kosmopolitisch

Judith Herrin
Byzantium: The Surprising Life of a Medieval Empire
Penguin, 392 blz., € 35,-

Tijdens de zogenaamde Lockheed-affaire in 1976 vatte het psp-kamerlid Fred van der Spek zijn bezwaren tegen het koninklijk huis tegenover een journalist samen met het woord ‘byzantinisme’. Als simpel havo-klantje zei die term me heel weinig, dus zocht ik het woord braaf op. ‘Slaafse kruiperij tegenover machthebbers’ en ‘kleingeestige spitsvondigheid’, leerde het woordenboek. En in het Engels heeft byzantine zelfs nog meer negatieve connotaties: nodeloos ingewikkeld, duister, slinks, machiavellistisch, en sadistisch.

Hoewel ik Van der Spek zelfs toen niet als onfeilbaar orakel beschouwde, was dit nu niet bepaald een stimulans om echt studie te maken van het Byzantijnse rijk. Later werd me duidelijk dat het negatieve imago van het Oost-Romeinse rijk een eeuwenlange traditie kent. Nadat de kruisvaarders Constantinopel – dat qua beschaving oneindig veel hoger stond dan de feodale staatjes in het westen – in 1204 hadden geplunderd en gebrandschat probeerde men het schuldgevoel hierover te dempen door de Byzantijnen zo ongunstig mogelijk af te schilderen. Hun veel grotere diplomatieke vaardigheden werden afgeschilderd als achterbaks en verraderlijk gehuichel en hun rijkdom en verfijnde omgangsvormen werden gezien als verwijfde weekheid.

Ook latere historici, onder wie de vermaarde Gibbon, liepen niet warm voor het Byzantijnse rijk. De negentiende-eeuwse historicus William Lecky karakteriseerde de geschiedenis ervan als ‘een monotoon verhaal van de intriges van priesters, eunuchen en vrouwen, van gifmoorden, van samenzweringen, van eenvormige ondankbaarheid’.

Het beeld dat de Britse mediëviste Judith Herrin van dit duizendjarige rijk schetst is heel wat genuanceerder, rijker en positiever. Het bijzondere aan Byzantium was volgens haar niet het christelijke karakter, waarvan immense kerken als de Haya Sophia en de intieme iconen opmerkelijke uitingen waren, en evenmin was het de Romeinse organisatie en bestuursvorm, of het Griekse onderwijssysteem – het was de combinatie van dit alles die aan deze cultuur haar unieke karakter gaf. De creatieve spanningen die voortkwamen uit dit merkwaardige amalgaam resulteerden in een beschaving die relatief open en in artistiek en intellectueel opzicht zeer kosmopolitisch was en een enorme invloed uitoefende op de Italiaanse Renaissance. Bovendien vormde het Byzantijnse rijk eeuwenlang een bolwerk tegen de oprukkende islam en leverde zijn stabiele valuta een onmisbare bijdrage aan de economie van het Middellandse-Zeegebied.

Terwijl veel geschiedenissen van Byzantium verzanden in een inderdaad monotone opsomming van de negentig keizers, 125 patriarchen en ontelbare veldslagen, belegeringen en couppogingen, heeft Herrin gekozen voor een min of meer thematische aanpak. Hierdoor is ze erin geslaagd een even helder als overtuigend beeld neer te zetten van een beschaving die door velen nog altijd wordt ervaren als vreemd en ontoegankelijk.