Economie

Zelfkritiek

Uitgerekend wanneer de ene helft van het land op een camping bivakkeert, de andere vastgekluisterd zit aan de televisie voor een schier eindeloze sportzomer, brengt het IMF een cruciaal rapport over haar rol in de eurocrisis naar buiten. Zie ik spoken?

Waarschijnlijk, maar feit is dat de evaluatie nauwelijks vernietigender had kunnen uitvallen. De korte versie: de ‘redding’ van met name Griekenland was een fiasco. Een financieel-economische strafexpeditie waar het IMF zich nooit voor had mogen lenen. De iets uitgebreidere samenvatting: zes jaar geleden bleek plotseling dat Griekenland veel dieper in de schulden zat dan gedacht. Om de Europese eenheidsmunt te redden, kwamen de andere eurolanden met een plan. Miljardenleningen, in ruil voor het afbreken van de Griekse verzorgingsstaat.

Maar er ontbrak minstens één ingrediënt aan dat pakket. Schuldverlichting. Vriend en vijand waren – en zijn – ervan overtuigd dat Griekenland, zelfs met de grootst mogelijke inspanningen, haar schulden nooit kan afbetalen. Toch bleven Europese politici volhouden dat elke cent terug zou komen, zoals premier Mark Rutte beloofde. Prettige bijkomstigheid voor hen: toen een poos later de schuldeisers alsnog moesten bloeden, hadden private beleggers hun obligaties al lang van de hand gedaan. Voorop de Franse, Duitse en Nederlandse banken.

Het IMF deed mee aan deze farce. Dat had nooit mogen gebeuren, concluderen de onderzoekers van het eigen ‘Independent Evaluation Office’ nu. Het resultaat, zo weten we inmiddels, is een economische én humanitaire ramp. De Griekse werkloosheid steeg tot een kwart van de beroepsbevolking. De economie kromp in zes jaar tijd met een kwart. Bot gezegd: dat lukt doorgaans niet zonder bommenwerpers en tanks.

De zelfkritiek die het IMF in deze aan de dag legt, wekt bewondering. In een eerder rapport vielen ook al harde woorden over de ‘hoge mate van groepsdenken, intellectuele vooringenomenheid, een algemene mindset dat een grootschalige financiële crisis in ontwikkelde economieën onwaarschijnlijk was’. Ik kan me niet voorstellen dat ik ooit nog Jeroen Dijsselbloem zo hoor terugblikken op zijn functioneren in de eurocrisis.

Toch valt ook iets anders op. Dat is de verklaring van de IMF-onderzoekers voor dit falen. Het is allemaal de schuld van de politiek! De anders zo bezonnen IMF-technocraten hebben zich in de luren laten leggen door slinkse Europese politici en hun belangen. Het toont het zelfbeeld van de IMF’ers. Neutraal, verheven boven het politieke gekibbel, verbeteren zij de wereld met behulp van zuiver economisch denken. Mr. Spock, de überrationele Vulcan uit Star Trek, zou er voor tekenen.

Verheven boven het politieke gekibbel verbeteren de IMF’ers de wereld

Klopt dat imago? Natuurlijk niet. Het IMF is doordrenkt van politiek – net als de centrale banken, het CPB en andere postpolitieke instituties. Denk aan de fatale neoliberale recepten in de Azië-crisis in de jaren negentig. Kijk naar hoe de organisatie sindsdien, onder druk van protesten, het roer heeft omgegooid. En, eerlijk is eerlijk: zie hoe het IMF bij het uitbreken van de eurocrisis om werk verlegen zat. Tussen 2011 en 2014 waren de Europese reddingsoperaties goed voor tachtig procent van alle IMF-leningen. Zonder Griekenland, Portugal en Ierland had het Fonds misschien fors moeten snijden in de eigen organisatie. Puur politiek opportunisme dus.

Interessanter is dan ook de vraag waarom de IMF-aanpak deze keer wél als politiek wordt beschouwd, ook intern. Ik vermoed dat het alles te maken heeft met elites. Zolang de leiding van een organisatie als het IMF op één lijn zit, kan het sprookje van rationaliteit, onpartijdigheid en zuivere analyses voortbestaan. Anders wordt het zodra die elite verdeeld raakt. Dan gelden economische analyses en recepten ineens niet als alternativlos, maar als politiek hoogst omstreden.

Zelden is de IMF-elite zo verscheurd geweest als in de eurocrisis. Met name de Aziatische en Latijns-Amerikaanse donorlanden zijn woedend. In hun ogen heeft het IMF, met toch al van oudsher een Europeaan aan het roer, zich laten gebruiken door de Europese Commissie. De onderzoekers spreken van een ‘Europa is anders’-bias. Zouden de interne regels dusdanig zijn opgerekt als het ging om een land als Argentinië of Thailand? Uiteraard niet.

Zo gaat het eigenlijk altijd met technocraten. Pas nu ook de grote politieke partijen kritiek hebben op zijn doorrekeningen ligt het CPB onder vuur. En het neutrale imago van de ECB verdween als sneeuw voor de zon toen centrale bankiers uit Duitsland en Nederland haar crisisaanpak afvielen.

Het levert een fraaie definitie op: politiek is datgene waar de machtigen op aarde het niet over eens zijn. Maar eng is dit wel. Laat het een waarschuwing zijn voor de eerstvolgende kwestie waarover wél economische consensus lijkt te heersen.