Zelfs Duitsers bouwen nu nieuwe elektro-auto’s

Berlijn – Bijna trots werden ze begin dit jaar gepresenteerd, de cijfers van de verkoop van elektrische auto’s in Duitsland. Meer dan het dubbele bedroegen die in 2017 in vergelijking met het jaar ervoor, waarmee het land op dit vlak ineens tot de snelste stijgers ter wereld behoorde. Zou het hoge doel dan toch nog bereikt worden? Bijna tien jaar geleden is het dat bondskanselier Angela Merkel beloofde dat er in 2020 een miljoen elektrische auto’s in Duitsland zouden rondrijden. Het vooruitzicht paste geheel bij het hoogstaande zelfbeeld van veel Duitse politici en commentatoren: dankzij de beroemde Duitse ingenieursgeest en het minstens zo beroemde Duitse milieubewustzijn zou de wereld schoner en beter worden.

Tien jaar later blijkt van deze hoogstaande verwachtingen echter weinig gerealiseerd. De cijfers van de elektro-auto kun je namelijk ook nuchterder lezen: de verdubbeling betreft slechts een stijging van 0,8 naar 1,6 procent, in totaal 54.492 auto’s. In Nederland worden er ook niet veel elektrische auto’s gekocht, maar procentueel wel meer dan in Duitsland, en Nederland heeft zelfs meer laadzuilen dan het grotere Duitsland.

Qua productie zijn de cijfers al even mager. Duitsland blijkt notoir laat met de ontwikkeling van nieuwe schonere auto’s – of het nu elektrisch is of op basis van waterstof – in vergelijking met de concurrenten Amerika, China en Frankrijk. Sterker nog, het Duitse merk Volkswagen, de grootste autofabrikant van Europa, is al twee jaar in een wereldwijd schandaal verwikkeld over fraude bij CO2-uitstoot van dieselmotoren.

In de Duitse media wordt er graag en veel over de oorzaken van deze achterstand gefilosofeerd. Houdt de Duitser te veel van ronkende motoren, heeft hij moeite met vernieuwing?

Een blik op de auto-industrie laat zien dat de verklaring simpeler is: de Duitse auto-industrie had te lang geen reden om zich te vernieuwen. Met de gewone verbrandingsmotor werd nog genoeg geld verdiend. En de Duitse consumenten kochten liever nog een diesel, die dankzij een staatssubsidie en dankzij valse beloftes van producent Volkswagen (‘clean diesel’) ook nog eens als milieuvriendelijk kon worden gepresenteerd.

De VW-emissiefraude en de daarbij behorende imagoschade van de Duitse industrie zou echter wel eens een omslag kunnen veroorzaken, zeggen deskundigen. Ineens buigt de staat zich over meer premies voor elektro-auto’s, en de Duitse producenten kondigen tot 2020 driemaal zoveel nieuwe elektrische modellen aan. Van hoge morele principes is alleen niets meer te horen, wel van dreigend inkomstenverlies.