Presidentsverkiezingen in Oekra

«Zelfs onze diplomaten zijn het spoor bijster»

Zondag 30 oktober vinden in Oekraïne presidentsverkiezingen plaats. Premier Janoekovitsj en oppositieleider Joesjtsjenko strijden om de winst. De bietensoep wordt heet gegeten.

Kiev – De Oekraïense premier Viktor Janoekovitsj wordt afgeschilderd als pro-Russisch, als de nieuwe Poetin zelfs. De pro-westerse oppositieleider Viktor Joesjtsjenko daarentegen wordt getypeerd als de nieuwe Michael Saakasjvili, de huidige president van Georgië die vorig jaar drijvende kracht was achter de volksopstand tegen Edoeard Sjevardnadze en daarna tot staatshoofd werd gekozen. Vindt Joesjtsjenko die tegenstelling reëel?

Viktor Joesjtsjenko: «Er zijn inderdaad twee scholen met verschillende wegen, wereldbeelden én morele waarden. Maar deze voorstelling is te primitief en te oppervlakkig. Ik ben geen Georgiër, noch Rus of Europeaan. Ik ben een Oekraïense politicus die de problemen kent en kan oplossen. Als president van de Nationale Bank en als minister-president heb ik de belangen van Oekraïne verdedigd. Tijdens mijn premierschap zijn veel vraagstukken in de Russisch-Oekraïense betrekkingen opgelost. Inclusief de problemen van de zogeheten ongesanctioneerde keuze van gas, eenvoudig gezegd van die banale diefstal. Indertijd zijn we er ook in geslaagd om voor het eerst in de naoorlogse jaren de tendens van de teruglopende omvang van de handel tussen Rusland en Oekraïne te keren. Juist toen is er door Rusland voor een record in de Oekraïense economie geïnvesteerd. Of de huidige premier pro-Russisch is, kun je beter vragen aan de Russische zakenlui. Die weten dat toen Janoekovitsj er nog gouverneur was, geen Russische roebel in Donetsk is geïnvesteerd.

Onze samenleving bestaat uit bandieten aan de macht en uit eerlijke gewone mensen. Ze laat zich niet meer opdelen volgens het ideo logische principe roden versus witten. Bij de verkiezingen speelt de ideologische factor lang niet de voornaamste rol. Dat ik een West-Oekraïner zou zijn, is een mythe, in het leven geroepen door mijn opponenten. In Oekraïne is er geen politicus die meer oosters is dan ik. Mijn geboortedorp Choroezjivka bevindt zich in Soemtstsjina, veertig kilometer van de Russische grens.»

De geleide democratie is een model dat in het algemeen voor alle postsovjetstaten opgaat.

Viktor Joesjtsjenko: «De term geleide democratie klinkt net zo absurd als bijvoorbeeld zacht totalitarisme. Het probleem is dat het ons niet is gelukt een machtssysteem te bouwen dat de democratie kan garanderen. De belangrijkste uitingsvormen van een democratie hebben we niet: vrijheid van menings uiting, onafhankelijke rechtbanken, opperste jurisprudentie. Kortom, we hebben geen burgerlijke maatschappij. Integendeel, veel wijst richting een autoritaire staat: censuur van de massamedia, vervolging van de oppositie en pressie op zogeheten andersdenkende volksvertegenwoordigers, politici of zakenlui. Er bestaat in Oekraïne een oligarchisch clan bewind. De macht heeft zich politiek volledig aangepast aan het niet-openbare domein, aan een economie waarvan de helft zich in de schemer afspeelt. Het cassetteschandaal heeft de Oekraïne als onafhankelijke staat in diskrediet gebracht, heeft haar in de internationale arena geïsoleerd en heeft de president nog afhankelijker gemaakt van de clan vertegenwoor digers. Niemand verbaast zich nog over berichten dat de oppositie wordt geschaduwd, niemand twijfelt aan de informatie van de Kiesraad dat de kandidaat van de macht tien keer vaker op de landelijke televisie verschijnt dan de andere kandidaten. De keuze vandaag is uiterst zwaar: blijft Oekraïne een clan maatschappij of wordt het een demo cratie.»

Rusland heeft zijn invloed verloren, mede omdat het Kremlin alleen nog maar met de officiële macht in de voormalige sovjetrepublieken praat.

Viktor Joesjtsjenko: «Een geprivatiseerd groepje lieden uit de administratie van de Oekraïense president heeft zich het alleenrecht toege eigend tot de dialoog met Rusland. Het gaat ze niet om internationale betrekkingen maar om banden tussen clans. Deze mensen gaan te biecht volgens het principe van de wandelgangen, daar waar de politiek niet in het openbaar wordt bedreven. Ik ben overtuigd van de enorme potentie van de betrekkingen. Maar wel onder één voorwaarde: dat er een verant woordelijke macht in Oekraïne is. Nu is de Oekraïense buitenlandse politiek een chaos. Toen Vladimir Poetin op de Krim was (januari 2004 — red.) kondigde Oekraïne aan zijn eigen militaire doctrine opnieuw te bezien. Toen Donald Rumsfeld naar Kiev vloog (augustus 2004 — red.) gingen we opeens in de Navo integreren. Zo opereren politici die geen vertrouwen hebben in eigen kracht. Zelfs de diplomaten zijn het spoor bijster. Die horen, zoals gebruikelijk, het nieuws van de president als laatste.

De huidige macht in Kiev is niet in staat geweest tot een duidelijke koers wat betreft de Oekraïense taal, het Russisch of andere talen. Onze premier maakt zowel spelfouten in het Russisch als in het Oekraïens. Leonid Koetsjma deed in 1994 aan de verkiezingen mee onder de leuze: ik maak van het Russisch de tweede staatstaal. Wie herinnert zich nog die belofte? In elk Europees land beheersen burgers vrijelijk drie tot vier talen. Hier rukken we alleen onze overhemden open en ontbloten onze borst. Zo van: in welke taal zullen we praten, in het Russisch of Oekraïens? Het resultaat is dat we Russisch spreken met fouten en Oekraïens met een woordenboek. In mijn werkkamer staan twee bustes: van Taras Sjevtsjenko (dichter en grondlegger van de Oekraïense taal, 1814-1861 — red.) en Nikolaj Gogol (Russische schrijver, geboren in Oekraïne, 1809-1852 — red.). Ik wil niet filosoferen, maar Rusland is onze eeuwige buurman, onze strategische partner. In Oekraïne wonen miljoenen mensen voor wie Russisch de gewone taal is voor hun communicatie. Zij moeten de mogelijkheid hebben Russische liedjes te zingen, Russische kranten te lezen, Russische muziek te luisteren en in het Russisch te praten. Mij verontrust het meer dat intussen zeven miljoen Oekraïners zijn vertrokken om elders werk te zoeken, ook in Rusland. Het is de vierde golf van arbeids migratie in recente tijden, en de allermassaalste in de geschiedenis van Oekraïne.»

Is toetreding van Oekraïne tot de EU dan wel reëel?

«Twee jaar geleden heeft Javier Solana heel precies zijn kijk op de Europese perspectieven van Oekraïne geformuleerd, zeggend: jullie moeten leven naar de Europese regels en er niet mee spelen. Ik heb er nooit aan getwijfeld dat Oekraïne een Europees land is. De vraag is echter wanneer Oekraïne deel kan worden van het verenigde Europa. Dat gebeurt pas wanneer hier een democratische maatschappij is opgebouwd met een hoge levensstandaard, met waardige salarissen en pensioenen, met onafhankelijke massamedia en een onom koop baar rechtssysteem. Qua ontwikkeling van de betrekkingen met de EU is Rusland in vergelijking met Oekraïne de afgelopen jaren aanzienlijk verder gekomen.»

_______________________

Beroerder dan Albanië

Zondag 30 oktober vinden in Oekraïne presidentsverkiezingen plaats. Premier Janoekovitsj en oppositieleider Joesjtsjenko strijden om de winst. De bietensoep wordt heet gegeten.

Na tien jaar Leonid Koetsjma kunnen de Oekraïners zondag 30 oktober een nieuwe president kiezen. Net als in Rusland en Frankrijk verlopen de verkiezingen in twee rondes. Voor de eerste ronde van zondag hebben zich 24 kandidaten gemeld. Als niemand de absolute meerderheid haalt, volgt een finale ronde tussen de twee kandidaten met de meeste stemmen. Volgens de laatste officiële opiniepeilingen zitten premier Viktor Janoekovitsj (54) en oppositieleider Viktor Joesjtsjenko (50) elkaar net zo op de hielen als George W. Bush en John Kerry in de Verenigde Staten. Maar tussen peilingen en uitslagen staan uiteindelijk eerst en vooral de zogeheten administratieve resources in de weg, de hulpmiddelen waaruit de zittende macht ook in deze postsovjetstaat kan putten.

Want net als de Russische president Boris Jeltsin in 2000 heeft Leonid Koetsjma, een apparatsjik uit Dnepropetrovsk, zijn huidige premier Janoekovitsj, voormalig gouverneur van het mijnwerkersdistrict Donetsk waar Russen de meerderheid van de bevolking vormen, keurig voorgesorteerd voor zijn eigen opvolging. De econoom Viktor Joesjtsjenko was ook ooit een protégé van Koetsjma. Tussen 1993 en 1999 was hij president van de centrale bank. Hij wist de gierende inflatie toen terug te dringen. In december 1999 benoemde Koetsjma hem zelfs tot premier. Maar in april 2001 was het al weer gedaan met de samenwerking tussen hen. Met behulp van de communisten werd Joesjtsjenko in het parlement beentje gelicht.

Begin van de verwijdering was het «cassetteschandaal». Via de oppositie dook een bandje op waarop was te horen hoe de president opdracht gaf de lastige journalist Georgi Gongadze «aan te pakken». Gongadze was in de herfst van 2000 spoorloos verdwenen. Zijn lijk werd een maand later onthoofd en door chemicaliën verminkt teruggevonden in een bos bij Kiev.

Sindsdien heeft Joesjtsjenko zich voetje voor voetje ontpopt tot kristallisatiepunt van de oppositie tegen Koetsjma en diens regering. Zijn partij Ons Oekraïne heeft de grootste fractie in het parlement, de Verchovna Rada, en laat zich, net als in Georgië ten tijde van het bewind van Edoeard Sjevardnadze, op straat met demonstraties niet onbetuigd. Het presidentiële apparaat laat evenmin weinig middelen onbeproefd om zijn machtspositie te bestendigen. Het gebruik van compromitterend materiaal is daarbij het geijkte patroon.

Ook de huidige verkiezingscampagne wordt gekenmerkt door een overdaad aan zogeheten zwarte public relations. Vorige maand beschuldigde Joesjtsjenko de zittende macht ervan hem met borsjtsj, bietensoep, te hebben willen vergiftigen. Vorige week eiste de oppositie in de Verchovna Rada het ontslag van de minister van Binnenlandse Zaken. De burgemeester van Kiev maakte tegelijkertijd bekend zondag in de hoofdstad de noodtoestand af te kondigen als de openbare orde daartoe noopt.

Op het oog lijkt Oekraïne een bananenrepubliek. Maar met bijna 48 miljoen inwoners, waarvan bijna een vijfde etnisch Russisch, is het wel een van de grootste én armste landen in Europa. Dertig procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Na een decennium economische neergang – het bruto binnenlands product daalde tussen 1991 en 2001 met 6,6 procent, hetgeen werd opgevangen door bijvoorbeeld de rekeningen voor energie uit Rusland niet te betalen – is pas sinds een paar jaar weer sprake van enige groei. Deze lichte vooruitgang is echter amper verifieerbaar. Volgens het non-gouvernementele instituut Transparency International / The Coalition Against Corruption in Berlijn is Oekraïne een van de meest corrupte landen ter wereld. Op de meest recente ranglijst van Transparency International – die vorige week werd bekendgemaakt en wordt aangevoerd door Finland met een 9,7 – bezet Oekraïne met een cijfer 2,2 de gedeelde 122ste plaats op een totaal van 146, net iets beter dan Irak (2,1) maar beroerder dan Albanië (2,5) of Rusland (2,8). Dat is niet onbelangrijk. Want politiek mag Oekraïne dan niet tot Europa behoren, geografisch gezien ligt het westelijke deel juist in het hart van het continent.

Hubert Smeets