Zielevoetjes

Zintuigen zijn de voetjes van de ziel van Brigit Hillenius wordt gedistribueerd door Argus Film en is vanaf 25 januari te zien in Filmtheater Desmet, Amsterdam.
Brigit Hillenius maakte met Zintuigen zijn de voetjes van de ziel een persoonlijke, zorgvuldige en ook mooie film over haar vader, de beroemde schrijvende bioloog Dick Hillenius. Dick voor intimi, en omdat iedereen in de film een intimus is, is het Dick voor en Dick na. Verwacht van deze film geen afstand en zeker geen kritiek. De film is als het ware ‘onder ons’ gemaakt. Hillenius heeft voor haar film een aantal mensen gesproken en in beeld gebracht die tot de directe kring rond haar vader behoorden. Geen deskundigen, geen biografen, geen journalisten en zeker geen bekende Nederlanders die haar vader wel eens een hand hadden gegeven. Het blijft onder ons. Het blijft zo onder ons dat je je kunt afvragen of de film wel echt over Dick Hillenius gaat. Misschien gaat hij wel meer over de mensen die hij achterliet.

Deze gedachte wordt versterkt door de manier waarop Hillenius de gefilmde interviews als bijna autonome portretten intact heeft gelaten. Iets wat ik overigens heel mooi vind en wat een van de sterkste en ook meer originele kanten van de film is. Het is tenslotte een standaardprocede in documentaires om gefilmde gesprekken volledig te verknippen en vervolgens thematisch zonder context te herordenen. Iedere betooglijn is dan verdwenen en iedere betekenisvolle pauze heeft dan haar betekenis verloren. Mensen zijn dan gereduceerd tot opzeggers van handzame citaten.
Zo niet bij Hillenius. Bij haar zijn de volgorde, de intervallen, de versprekingen en zijpaden ook belangrijk, misschien wel minstens zo belangrijk. Door deze werkwijze slaagde ze erin de intimiteit van een gesprek - dat tenslotte meer is dan een reeks uitspraken - te handhaven. Een intimiteit die bij haar toch al groter was dan we in film gewend zijn doordat ze haar gesprekspartners goed kende.
En of dat nog niet genoeg was wordt de intimiteit ook nog eens versterkt doordat Hillenius tijdens de gesprekken zelf de camera hanteerde. De camera werd een bijna fysiek verlengstuk van de vra genstelster en werd daardoor in zijn bewegingen door emoties gestuurd. Hoe vaak wordt een geinterviewde niet koel of onbeschaamd geobserveerd of hoe vaak kijkt de camera niet verveeld weg van een gesprekspartner op zoek naar een saillant detail in de omgeving? Niet bij Hillenius. Zij blijft de goede kant op kijken omdat ze weet wat ze moet zien. Ja, en omdat het haar echt interesseert.
Dat Hillenius daarbij ook nog mooi kan filmen, helpt natuurlijk wel. Dit aspect komt het beste tot zijn recht tijdens het gesprek met haar oom, de kunstschilder Jaap Hillenius. De schilder maakte in de beste schilderkunstige traditie een uitvoerige studie van het licht. De resultaten zet hij voor de kijker zo helder mogelijk in het licht en de cameravrouw ving dat licht zo voor hem op dat er een soort pas de deux rond het invallende licht ontstond. Op dit soort momenten ging het allang niet meer om de overheersende oudere broer die haar vader voor de schilder was, maar om de eigenwaarde van een markant kunstenaar.
Dat is ook zeker het geval bij het aanstekelijke portret van de schrijvende bloedonderzoeker Leo Vroman. Vroman mag meer doen dan zijn typering van de vader van de filmmaakster geven. Hij krijgt de gelegenheid om te laten zien dat hij minstens zo'n wonderlijk originele denker en dichter is als het onderwerp van de film en de cineaste geeft hem daarvoor alle ruimte.
De filmmaakster geeft ook nog wat ruimte aan zichzelf. Als ze naar Madagascar is gereisd om de jungle te filmen waar haar vader altijd zo lyrisch over was, kijkt ze met haar eigen ogen buiten het bos rond. Ze filmt een aantal jongens die meelzakken van een vrachtwagen laden op een manier die lijkt te demonstreren: kijk, dit kan ik. Dit heb ik gezien en zo leg ik dat vast. De film van Hillenius over Hillenius is niet alleen een ode van een dochter aan haar vader, het is ook het visitekaartje van een getalenteerd cineaste.