Zijn moslims dik?

Verhalen zijn er genoeg, en meningen ook. Daarom keiharde cijfers en feiten.

Medium graphic  provincies

Een klein miljoen moslims
Het herkomstland wordt geregistreerd, het geloof niet. Hoe weet het Centraal Bureau voor de Statistiek (cbs) dan hoeveel moslims er zijn? Vroeger werd dat bepaald aan de hand van het percentage moslims in het land van herkomst. Als er tweehonderd Turken zijn, en van alle Turken (in Turkije) is tachtig procent moslim, dan zijn er dus 160 moslims. Tegenwoordig doet het cbs regelmatig onderzoek onder tienduizend mensen naar ‘de leefsituatie’, waarbij ook naar geloof wordt gevraagd. Het is dus een steekproef en de schattingen lopen een beetje uiteen, maar het cbs houdt het op ongeveer 850.000 moslims in Nederland. Natuurlijk vormen de Turken (38 procent) en Marokkanen (31 procent) de grootste groep. Tunesiërs en Indonesiërs zijn de kleinst meetbare groep. Er zijn minder Egyptische dan Nederlandse (bekeerde) moslims, dat zijn er zo'n twaalfduizend.
De top-tien van gemeenten met procentueel de meeste moslims is als volgt:

1 Rotterdam
2 Amsterdam
3 Alblasserdam
4 Den Haag
5 Schiedam
6 Doesburg
7 Gorinchem
8 Leerdam
9 Ridderkerk
10 Gouda

Naar de moskee
Het idee 'hoe langer in Nederland, hoe minder naar de moskee’ klopt niet helemaal. Het verschil tussen de eerste generatie en de tweede generatie is gering. Bij Turken is het eigenlijk te verwaarlozen: 35 procent van de eerste generatie bezoekt regelmatig de moskee, tegen 33 procent van de tweede generatie. Bij Marokkanen leek lange tijd wél sprake van een afname: de eerste generatie ging vaker naar de moskee, de tweede generatie leek zich af te keren van de moskee. In het Jaarrapport Integratie 2009 concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (scp) echter een ommekeer: een toename van moskeebezoek door Marokkanen van de tweede generatie. Toch gaan Marokkanen gemiddeld minder vaak naar de moskee dan Turken.
Terwijl vrijwel alle Turkse en Marokkaanse Nederlanders (97 procent) zichzelf als moslim afficheren, gaat uiteindelijk bijna zestig procent nooit naar de moskee. Dat komt onder meer doordat vrouwen niet zulke moskeegangers zijn - deels omdat het voor mannen een ontmoetingsplaats is, deels omdat er voor vrouwen nu eenmaal weinig ruimte is in de moskee. De centrale gebedsruimte is alleen voor mannen toegankelijk, vrouwen moeten op het balkon.
Het opleidingsniveau is wel degelijk van invloed op het moskeebezoek. Hoe hoger de opleiding, hoe minder vaak men naar de moskee gaat. Van de Marokkanen met maximaal een basisopleiding gaat vijftig procent minstens één keer per maand, tegen slechts 31 procent met een hbo- of wo-opleiding. Bij Turken is die verhouding respectievelijk 48 procent tegen 32 procent.

Medium graphics moskeebezoek

De oudste moskee staat in Almelo
De Essalam-moskee in Rotterdam-Zuid moest de grootste moskee van Nederland worden, maar na zeven jaar is de bouw nog steeds niet voltooid. Een bouwstop, beroerd ontwerp, gebrek aan geldschieters, gedoe met de gemeente, failliete aannemer en andere redenen. Een tegenvaller voor de Marokkaanse gemeenschap. Inmiddels zijn de minaretten wel klaar en is de moskee ook van buiten zo goed als af.
Tot de deuren van de Essalam opengaan blijft de Turkse Sultan Ahmet bij Zaandam de grootste. Deze aan de Diyanet (en dus de Turkse overheid) gelieerde moskee doet al sinds 1994 dienst.
De Yunus Emre-moskee in Almelo is de oudste moskee, in 1974 ging hij open. De bouw werd medegefinancierd door de overheid, met steun van de inmiddels afgeschafte Wet Premie Kerkenbouw. Ook de textielfabrikant Ten Cate betaalde mee, uit solidariteit met de werknemers. Sinds de verbouwing in 1989 is er plek voor duizend gelovigen.
De El Fath-moskee in Amersfoort is juist een van de nieuwste moskeeën in Nederland en lijkt op een moderne Nederlandse kerk met een koepeltje, of op een bakstenen cultureel centrum met een torentje. De moskee is gebouwd door de Marokkaanse gemeenschap en doet veel aan rondleidingen, open huis, taalcursussen, voetbaltoernooien en computerlessen.
Verder hebben de meeste gemeenten wel een traditionele moskee: de Mevlana in Rotterdam, Noeroel Islam in Den Haag maar ook de Suleymaniye in Tilburg, Anwar-e-Medina in Eindhoven, Suleyman in Uden of de An-Nur in Waalwijk.
In totaal zijn er 453 moskeeën in Nederland.

Meer moslim, minder Nederlandse vrienden
Hoe geloviger, hoe meer geïsoleerd en hoe minder ingeburgerd. Die stelling klopt, toonde het Sociaal en Cultureel Planbureau aan in de studie Religie aan het begin van de 21ste eeuw (uit 2007). Moslims die vaak naar de moskee gaan zijn meer gericht op de eigen kring, hebben minder Nederlandse vrienden en oriënteren zich meer op het land van herkomst. 66 procent van de gelovige Marokkanen begeeft zich vooral in de eigen groep, tegen 45 procent van de minder gelovigen. 46 procent van de gelovige Marokkanen ziet nooit een Nederlander, tegen 32 procent van de ongelovigen.
Van de Turken identificeert 64 procent van de religieuzen zich meer met Turkije, tegen 53 procent van de ongelovigen.
Er is trouwens geen verschil in taalvaardigheid. En trouwe moskeebezoekers doen méér aan verenigingsleven en vrijwilligerswerk dan losbandige types.

Een waslijst aan organisaties en koepels
De lijst met islamitische belangenverenigingen is lang, maar de meeste stellen niet zo veel voor: een stichting met een voorzitter en een paar bestuursleden. De Nederlandse Moslim Raad, de Stichting Islam en Dialoog, de Islamitische Raad Nederland of de Moslim Federatie Nederland vertegenwoordigen relatief weinig mensen, afgezien van de direct betrokkenen. De uitzonderingen zijn de koepelorganisaties van moskeeën.
De Islamitische Stichting Nederland (Diyanet) beheert 142 moskeeën in Nederland, gerund onder auspiciën van het Turkse ministerie van Godsdienstzaken. Milli Görüs is ook Turks en is gesplitst in Noord- en Zuid-Nederland. Noord heeft 27 moskeeën onder zich, Zuid zegt zestig aangesloten leden te hebben. De afdeling Zuid-Nederland is orthodoxer, en werkt onder de naam Nederlandse Islamitische Federatie.
De Unie van Marokkaanse Moslim Organisaties Nederland (ummon) en de Raad van Marokkaanse Moskeeën Noord-Holland vertegenwoordigen samen zo'n 110 moskeeën. De band met de koepel is minder stevig dan bij de Turkse organisaties, onder meer omdat de Marokkaanse moskeeën veel meer vrijheid hebben bij de keuze van hun imam.
De orthodoxe World Islamic Mission vertegenwoordigt met name Surinaamse moslims, maar er komen ook veel in Nederland wonende Pakistanen. Bij de wim zijn 25 moskeeën aangesloten, door het hele land.
Het Contactorgaan Moslims en Overheid (cmo) is de een landelijke koepel van (moskee-)organisaties, en geniet officiële erkenning door de overheid als gesprekspartner.

Medium 07 groene lifestyle

Roken, drinken en eten
Moslims roken niet méér, drinken véél minder maar zijn wel weer dikker dan rooms-katholieken, protestanten of Nederlandse atheïsten.
Het lastige bij dergelijke vergelijkingen is dat drinken of overgewicht ook afhankelijk is van leeftijd, sociale klasse en opleidingsniveau. Er moet dus gecorrigeerd worden. Dan blijkt dat slechts één procent van de moslims veel drinkt, tegen dertien procent van de Nederlandse atheïsten. Gereformeerden bungelen daar iets tussenin, met negen procent. Overgewicht komt, ook na correctie, bij 54 procent van de moslims voor, ruim tien procent meer dan onder alle Nederlandse groepen. Moslims zijn dik. >
Moslims roken ongeveer net zo veel als protestanten en rooms-katholieken (ongeveer één op de vier), maar van de niet-gelovigen rookt één op de drie.

Subsidies, ondanks scheiding kerk en staat
De scheiding van kerk en staat ten spijt hebben gemeenten aardig wat beleidsvrijheid als het gaat om het subsidiëren van levensbeschouwelijke organisaties. Dat bleek onlangs uit een studie van Forum en het Verwey-Jonker Instituut. 98 procent van de ambtenaren vindt dat de regels botsen met de praktijk. Met andere woorden, als het een hoger doel dient (integratie) kan een moskeevereniging best subsidie krijgen voor een taalcursus. Ze moeten met dat geld alleen geen zieltjes winnen, en orthodoxe organisaties maken minder kans. Toch blijken gemeenten in de praktijk terughoudend: slechts veertien procent gaf daadwerkelijk geld aan een islamitische organisatie (tegen 37 procent voor protestantse organisaties, trouwens).
Het gebeurt minder vaak, maar het leidt wel regelmatig tot (lokale) relletjes. Onlangs bleek dat Nijmegen subsidie gaf aan de islamitische stichting Ar Rayaan, die onder meer polygamie propageert. En er ontstond ophef over extremistische (salafistische) clubs die onder het mom van huiswerkbegeleiding geld kregen.

Medium 05 groene belangenvereniging

Het overheersende beeld
Het laatste jaar lijken Nederlanders, opvallend genoeg, iets minder negatief over moslims te denken. Terwijl jarenlang ruim de helft van de Nederlanders vond dat de West-Europese leefwijze niet samengaat met de islam is dat percentage nu gedaald tot 41. Het idee dat moslimmannen hun vrouw 'overheersen’ stond lang boven de negentig procent, maar is gedaald naar 84. En terwijl eerst meer dan tachtig procent vond dat moslims hun kinderen op een autoritaire manier opvoeden, is dat nu gedaald tot 68.
Op een aantal andere punten zijn Nederlanders wél negatiever gaan denken over moslims, zo blijkt uit de Sociaal-culturele ontwikkelingen in Nederland (socon) van het scp. Zo vindt 25 procent moslims 'gevaarlijk fanatiek’, is 51 procent van mening dat moslims hun godsdienst 'misbruiken voor politieke doeleinden’ en denkt 43 procent dat islamitische vrouwen die een hoofddoek dragen zich niet aanpassen aan onze samenleving.

Medium 06 groene inburgeren

Man, vrouw en kinderen
Kan de vrouw het beste het huishouden runnen, moet ze stoppen met werken als er kinderen zijn, wie gaat over het geld en moeten de kinderen thuis blijven wonen tot ze gaan trouwen? Marokkanen en Turken zijn traditioneler dan autochtonen, en gelovigen zijn traditioneler dan niet-gelovigen. Dat is niet verbazend. Bij de rolverdeling tussen mannen en vrouwen is het verschil al aanzienlijk. Moet een vrouw stoppen met werken, als er kinderen zijn? Ja, zegt 38 procent van de gelovige Turken en Marokkanen, tegen 22 procent van de gelovige autochtonen. Kan de vrouw het beste de verantwoordelijkheid dragen voor het huishouden? Mee eens, zegt 68 procent van de gelovige Turken.
Het verschil is nog groter ten aanzien van kinderen. Moeten kinderen die dicht bij hun ouders wonen minstens een keer per week op bezoek komen? Ja, vindt ruimt tachtig procent van de gelovige Turken en Marokkanen, tegen slechts een kwart van de gelovige autochtonen.
Min of meer hetzelfde geldt voor het huwelijk. De meerderheid van de ongelovige moslims vindt dat kinderen thuis moeten blijven wonen tot ze gaan trouwen, terwijl slechts negen procent van de autochtonen dat nodig acht.