Zinloosheid

De zinloze dood van Meindert Tjoelker, slachtoffer van zinloos geweld, heeft op een vrijdagavond in Leeuwarden en elders in het land een absurd staartje gekregen. Logisch en wrang tegelijk.

Zo heeft de nutteloze moord op een gisteren voor het publiek nog onbekende jonge man tot een zinloze protestdemonstratie geleid en tal van zinloze uitspraken, aanbevelingen en reacties voortgebracht. Hoewel ik altijd opensta voor sympathieke acties van het genre voor het goede tegen het kwaad, de liefde tegen de haat, de prinsessen tegen de paparazzi, de peuters tegen de pedofielen of de zon tegen de regen, heb ik afgelopen vrijdag om elf uur mijn eigen waxinelichtje in mijn binnenzak laten zitten.
Ik steek namelijk mijn privé-kaarsje louter en alleen aan wanneer ik een gezicht of een naam kan plakken op het object dat mijn verontwaardiging deed ontstaan. Maar tussen de dood van Meindert Tjoelker en zijn ‘herdenking’ is niemand opgestaan om het luidruchtig voor het zinloos geweld op te nemen. Geen georganiseerde groep, geen partij en zelfs geen individuen. Wat niet wegneemt dat er in de daaropvolgende uren alweer volop zinloos geschopt en geslagen werd door mensen wier vingers soms nog van het kaarsvet dropen.
Ik kon toch moeilijk mijn vlammetje aansteken om er de vier stakkers die het leven van Tjoelker evenals hun eigen bestaan hebben verwoest, mee te roosteren? Want het staat vast dat die vier berecht en gestraft zullen worden en ook nog 'ongelofelijke spijt’ van hun daad hebben. Wat mij betreft is de cirkel dan hartstikke rond. Zinloos geweld is in Nederland niet meer dan een cause perdue voor aangeschoten losers, weekeindevandalen, fietsenhaters en opgefokte automobilisten. Het heeft altijd bestaan en het zal niet bij de dood van Tjoelker ophouden.
Ik hou dus mijn kaarsje tegen zinloos geweld in mijn zak, althans zolang er geen gasflessen met spijkers ontploffen in de Amsterdamse en Rotterdamse metro en de dorpelingen op de Veluwe niet ’s nachts door hordes fundamentalisten worden gekeeld.
Ik besef desalniettemin dat in deze tijd van ontkerkelijking, paarse depolarisatie en droombegroting het Nederlandse volk een stevige behoefte aan vervangende rituelen heeft gekregen. Je zult het maar altijd van de buurlanden moeten hebben als je naar bloemenzeeën, witte marsen en kaarsentapijten snakt. Of voor het wegpinken van een traan op rechtstreekse uitzendingen van de BBC of de BRT aangewezen zijn.
Op zich is er niets op tegen om de stam in een aanval van saamhorigheid rond een van goede bedoelingen knetterend kampvuur bijeen te zien komen. Maar de jongste herdenkingen annex protesten rond de dood van een goede burger waren niet alleen zinloos maar ook dubieus van aard. De oorsprong van de acties was allesbehalve 'spontaan’: ze waren duidelijk door de autoriteiten georkestreerd, met de volgzame audiovisuele media als assisterende tweede viool.
Politiechef Bangma heeft als initiator en gangmaker van de kunstmatige actie gefungeerd door in Leeuwarden zijn eigenaardige oproep tot de horeca en het volk te lanceren. In beginsel lijkt het me niet de taak van een ordehandhaver om als een soort discjockey van een Radio 3-Breakfastclub-programma de zwijgende meerderheid tot straatactie op te zwepen.
Moeten wij binnenkort ook nog een politionele briefkaartenactie vanuit Leeuwarden verwachten met als leus iets in de trant van: 'Ik ben woedend op het zinloze geweld’?
En wat heeft hierin de verbijsterende participatie van onafhankelijke media te betekenen? Tussen Schwarzenegger en Stallone, de Rockbitches en wat gangsta-rap werd het tv-scherm gauw op zwart gezet en de radio op het geluid van brandende kaarsjes. Hebben de dagbladen in de tijd van de 'Ik ben woedend’-actie hun lezers soms niet verblijd met een gratis anti-Duitse briefkaart?
Het mooiste was natuurlijk om op die vrijdagavond een rechtstreekse verbinding tot stand te brengen met burgemeester Apotheker van Leeuwarden. Over zinloze kreetjes gesproken. Wie geeft die man het recht om zijn particularistische levensfilosofie aan de dood van de arme Meindert Tjoelker op te hangen.
De vijand is volgens Apotheker het 'doorgeschoten individualisme’.
Dit beschouw ik als een persoonlijke aanval. Hoewel ik mezelf als een doorgeschoten individualist zie en daar trots op ben, kan ik Apotheker verzekeren dat ik nog nooit iemand heb doodgeschopt en zelfs niet het geringste fietswiel heb dubbelgeklapt. Maar ik moet niets van sociale controle hebben zoals het in Leeuwarden gebeurt. Niets van manipulaties over de rug van stoffelijke overschotten met de zwijgende meerderheid als klapvee, dit teneinde meer blauw op straat te krijgen. En ook niets van het in de stad van Apotheker doorgeschoten collectivisme waar anoniem klikken bij de gemeentelijke sociale dienst of de fiscus tot deugd is verheven.