Zoeken naar een sterrehond

Henning Mankell, HZNDHDNESR: een geheim genootschap. Uitgeverij Querido, 176 blz., 329,90
De Zweedse auteur Henning Mankell schreef een boek met de veelbelovende titel HZNDHDNESR: Een geheim genootschap.
Oprichter van het genootschap uit de titel is de elfjarige Joël Gustafson. Hij woont in een gehucht in het hoge noorden van Zweden, waar op één juni nog sneeuw ligt en het hele leven min of meer is dichtgevroren.

Vader is houthakker, moeder heeft het gezin alleen gelaten. Naar de reden kan Joël alleen maar gissen en dat doet hij dan ook onafgebroken. Hij gaat naar school, haalt de boodschappen, kookt de aardappels en voegt zich naar vaders stemming. Soms is papa Samuel goedgemutst en vertelt hij prachtige verhalen over de tijd toen hij nog zeeman was. Vaker is hij somber en in zichzelf gekeerd en dan houdt de zoon zich gedeisd, hoezeer hij ook lijdt onder die buien: ‘Twee dingen waren het ergst. Niet weten waarom en er niets aan kunnen doen.’ Wanneer Joël vreest ook zijn vader te verliezen vanwege Sara 'met de grote borsten’ uit het plaatselijke café, raakt hij bezeten door het verlangen zijn leven in eigen hand te nemen, een daad te stellen.
Aanvankelijk is die daad gehuld in magische nevelen. Hij wordt aangekondigd in het sterke openingsbeeld van het verhaal, dat de toon zet van kou en verlatenheid. Alles begint met de hond die Joël ziet wanneer hij ’s nachts klaarwakker in de vensterbank zit: 'Hij rende op zijn stille poten door de winternacht en was misschien wel op weg naar een ster.’
De jongen geeft zichzelf de opdracht om de geheimzinnige hond terug te vinden en richt daartoe een genootschap op: HZNDHDNESR, Het Zoeken Naar De Hond Die Naar Een Ster Rende. Tijdens zijn nachtelijke escapades ontmoet het enige clublid een mogelijke medestander, maar die blijkt veel concretere, nogal agressieve bedoelingen te hebben met dit geheime verbond tegen de machteloosheid. Nu Joël zelfs zijn eigen club niet meer in de hand heeft, besluit hij in een uiterste poging om de wereld te laten zien dat hij bestaat een gevaarlijk hoge brug te beklimmen en van daaraf naar beneden te plassen. De schreeuw om aandacht wordt gehoord. De hond is niet gevonden, maar het zoeken zelf was van levensbelang.
HZNDHDNESR is een intiem en suggestief verhaal, beheerst door de sfeer van norse zwijgzaamheid uit de 'eeuwig zingende bossen’. Mooi daarin is de plaats van de twee bizarre figuren bij wie de hoofdpersoon steun zoekt. Het zijn 'volwassenen die verstandig zijn als kinderen’: een trombone spelende vrouw zonder neus en een oude metselaar die geestelijk in de war heet te zijn en bij donker eindeloos rondrijdt in zijn gammele vrachtwagen.
Op het eerste gezicht schetst Mankell het herkenbare portret van een kind dat nog in de weer is met gewone jongensdingen als ’s nachts het huis uit sluipen en je tong tegen een bevroren brugleuning houden. Vlak daarachter schemert het beeld van een klein, door de volwassen wereld veronachtzaamd mens, met gedachten die langs de dood heen scheren. In zinswending of woordkeuze dreigt er soms iets van pathetiek, maar gezien het gewicht van de inhoud is de vorm bewonderenswaardig licht en simpel gehouden, waardoor het verhaal je rechtstreeks treft op de weke plek die ergens tussen hart en maag ligt.