Zoekend hart

Bob van Laerhoven, Koperen Gaby. UItgeverij Prometheus, 389 blz., f45,-
‘Ik sluit mijn ogen en probeer deze herinneringen weg te drukken. Soms vraag ik me af of het herinneringen zijn dan wel belevenissen. Als de tijd niet lineair verloopt, maar rondcirkelt als de groeven van een plaat, zijn onze hersens de pickupnaald. In normale omstandigheden volgt de naald de lineaire ronding, zodat het lijkt alsof het ene moment op het andere volgt. Maar als de naald schokken krijgt, danst ze heen en weer - “erraticly”, zou kapitein Debruyn hebben gezegd - over de plaat. Het is maar een hypothese, maar toch.

Heen en weer springen in de tijd. Het is een hele kunst. Maar vermoeiend.’
De Vlaming Bob van Laerhoven heeft met zijn nieuwe roman Koperen Gaby een boek afgeleverd waarin onvervalste diepgang hand in hand gaat met een heus spannend einde. Die ontknoping - een confrontatie in Angola tussen communistische regeringstroepen en door het kapitalistische Westen gesteunde rebellen - komt pas na zo'n 330 bladzijden, waarin tientallen verhalen zijn verteld en personages gepresenteerd.
Van Laerhoven, die eerder onder andere verhalen, reisboeken, essays en romans publiceerde, waaronder Het lange afscheid, De schaduw van Anna O., De stenen wachter en Cadavre exquis, heeft zich er niet met een Jantje van Leiden afgemaakt. Koperen Gaby is een uitgesproken ambitieuze roman. Vanuit verschillende vertelperspectieven, in verschillende tijden presenteert de auteur de geschiedenis van Astrid Verbeek-Verdonck, schrijfster en getrouwd met Bart Verdonck. Vroeger werd Astrid door haar man ook wel Gaby genoemd, een naam die verbonden is met een verleden waarin de wortels liggen van alle hoofdpersonen.
Toen ze klein was is Astrid verkracht door de zwakzinnige Artuur, de broer van Bart. Artuur heeft in zijn hele leven nooit een woord gesproken, zelfs niet toen hij werd vermoord. Vijfentwintig jaar na dato krijgt de schrijfster plotseling een brief van een man die zich Zoekend Hart noemt, en tot haar grote verrassing een verhaal bijsluit dat de titel ‘Artuur’ draagt. Dat is de opmaat voor een reeks spectaculaire ontwikkelingen, die hun oorsprong vinden in Angola.
Het is 1975. Astrid, Bart en Hugo maken deel uit van een Belgisch gezelschap archeologen dat in een woestijngebied aan de rand van Angola onderzoek doet. Waar ze zich niet van bewust zijn, is dat ze zich midden in oorlogsgebied bevinden. En inderdaad raken ze op een gruwelijke manier betrokken bij de strijd die de Angolezen onderling uitvechten, zo gruwelijk dat hun levens er 25 jaar later nog steeds door worden getekend.
Koperen Gaby is een roman als een doolhof: je kunt aan een kant naar binnen, maar dan komen er vele vertakkingen en zijwegen. De lezer wordt door de tijd en door de geschiedenis geslingerd alsof het niets is, hij gaat het ene hoofd in en het andere uit, hij volgt dan weer Astrid, dan weer Bart, dan weer Astrids drankzuchtige minnaar, en als grote beloning - want de moeite loont in dit geval - mag hij ten slotte concluderen een boek in handen te hebben dat razend knap is geschreven, dat voortdurend vraagt om verder gelezen te worden, en dat onder de laag van de 'spannende’ geschiedenis een aantal zeer doordachte en intelligente onderstromen heeft. Een bewonderenswaardige prestatie, kortom. Een hele kunst. En in het geheel niet vermoeiend.