Popmuziek

Zoektocht naar gemoedsrust

Grandaddy
Sumday
Prijs: € 17,50
Label: V2

In plaatsen waar werkelijk helemaal niets lijkt te gebeuren, komen soms de mooiste en eigenzinnigste uitingen van creativiteit naar boven drijven. Artiesten als Sparklehorse en Mercury Rev bijvoorbeeld, lijken wel het «niets» om zich heen nodig te hebben voor het schrijven van hun sfeervolle, vaak dromerige muziek.
Dichter bij huis vind je Nederlands bekendste bluesband Cuby & The Blizzards, die opereerde vanuit het Drentse dorp Grollo en, meer recent, huisvader Spinvis die vorig jaar een erg succesvol ontvangen knip-en-plak-stijlenpotpourri-cd fabriceerde op een zolderkamertje van een eengezinswoning in het altijd sprankelende Nieuwegein-Zuid.
De zanger/schrijver van de Californische band Grandaddy, Jason Lytle, typeert zijn eigen thuishaven Modesto als «a shithole for live music» en als een stad van «small town attitudes… apathy and crappy mini-malls». Niettemin heeft de band die wel eens is getypeerd als «Neil Young in space» daar, in de thuisstudio van Lytle, zijn vierde album Sumday opgenomen. De provincieplaats leverde eerder voor een groot deel de inspiratie voor de teksten over het saaie, alledaagse leven op Grandaddy’s doorbraakalbum Under the Western Freeway (1997).
Het voor meer dan de helft zwaar bebaarde en truckers-look uitdragende vijftal maakte daarna in 2000 bijna unaniem alle muziekcritici blij met The Sophtware Slump; een soort conceptplaat die een wereld beschrijft van niet-functionerende (consumptie)technologie zoals dronken robots en defecte huishoudelijke apparaten. Op beide albums combineert de band hightech elektronicageluiden met simpele, harmonieuze gitaar- en pianomelodieën, soms aangezet met orkestrale arrangementen. Sfeervolle popmuziek die niet van deze aardbol lijkt te komen, maar wel degelijk zijn oorsprong vindt in de saaie, schijnbaar oninspirerende omgeving van Modesto.
Ook Sumday bevat dezelfde muzikale ingrediënten als genoemde voorgangers, maar de nieuwe langspeler bevat veel minder lange nummers. Slechts twee van de twaalf nummers duren meer dan viereneenhalve minuut. Niet dat het de bedoeling van Grandaddy is geweest om een single maken, maar Lytle heeft de uitdaging aan willen gaan om de essentie van zijn muziek in een beperkt aantal minuten te vangen, en daarin is hij geslaagd. De nieuwe cd klinkt consistenter dan Under the Western Freeway en gevarieerder dan The Sophtware Slump, hoewel beide albums in kwaliteit niet echt voor Sumday onderdoen.
De eerste track ‹Now It’s On› doet vermoeden dat Lytle de energie heeft gevonden om de confrontatie met de rest van zijn leven aan te gaan: «Once you’re outside, you won’t want to hide anymore. Light the light on the front porch. Once it’s on you’ll never want to turn it off anymore.» Hij lijkt af te willen rekenen met «the season of the old me».
Wat dat precies inhoudt wordt later op de plaat duidelijk, waar deze stemmings opleving in het vaak benevelde brein van Lytle in eerste instantie van korte duur lijkt. Nummers als ‹I’m on Standby› en ‹OK With my Decay› beschrijven zijn nog steeds aanwezige depressieve gedachten en gevoelens van eenzaamheid.
Omdat Sumday geen conceptalbum is of een echt verhaal vertelt, en in bijna alle teksten wordt verwezen naar zijn behoefte aan innerlijke rust, weet je niet precies welke nummers elkaar chronologisch opvolgen. Het is dus goed mogelijk dat Sumday de laatste resten van een gekwelde ziel en het-op-de-drempel-van-een-nieuwe-fase-in-je-leven-staan beschrijft.
De rol van religie in Modesto is onderwerp van gesprek in het nummer ‹The go in the go-for-it› en zijn ex-vriendin («a Modesto native») uit de provincieplaats wordt bezongen in het zes minuten durende en mooi opgebouwde ‹Lost on Yer Merry Way›. Ook uit dit nummer blijkt Lytle’s zoektocht naar gemoedsrust («It’s hard to keep your head on») en een plek waar hij zich thuis voelt («All that I’m asking tonight, is that I make it home alive… I wanna get back home»). Het illustreert de klaarblijkelijke haat-liefdeverhouding die de zanger heeft met Modesto.
Het makkelijkst in het gehoor liggende nummer is ‹El Caminos in the West›, en de aanstekelijke melodie ervan maakt het een potentiële zomerhit. De pianoballade ‹Saddest Vacant Lot in All the World› is een beetje het buitenbeentje op de in totaal twaalf nummers tellende plaat en klinkt als een van de weinige nummers ook écht triest.
Dat laatste geldt ook voor ‹The Warming Sun› waarin duidelijk wordt dat een gebroken hart de voornaamste oorzaak is van Lytle’s zware gemoed: «In a dream, you were sitting there waiting by the door for me, and I got the opportunity, to experience, the experience once again, how it could have maybe been.»
Sumday: de som der dagen, het einde van de week en mogelijk het einde van Lytle’s oude leven. Het zou ook wel eens het einde van Grandaddy kunnen betekenen volgens gitarist Jim Fairchild: «Four months ago, I thought for sure this was our last record… Now I don’t know.»
De band heeft met dit vierde album een blauwdruk ontworpen van het Grandaddy-idioom. Elk nummer afzonderlijk is karakteristiek voor het eigen geluid van de band en in zijn geheel is Sumday zijn meest uitgebalanceerde plaat tot nu toe. Laten we hopen dat Jason Lytle echt de rust vindt waar hij zo naar op zoek is. Misschien krijgt hij dan de kracht om nog zo’n prachtig album te maken. Met dank aan Modesto.