Opheffer

Zomergasten is uitgeput

Er is iets met de formule van Zomergasten wat niet meer klopt.

Nee, ik ga niet zeiken over Zwagerman en de gasten, dat kan me allemaal niets schelen, het is iets anders dat me niet bevalt. En dat is dit: de fragmenten zijn belangrijker geworden dan de gast. Dat is een misverstand.

Ik hoor Zwagerman vaak iets niet vragen — terwijl het zo voor de hand ligt — omdat hij naar een ander fragment moet. Ik ken dat: op de vloer staat een floormanager aan te geven hoeveel minuten je nog voor een item hebt. Hij telt af, en opeens maakt hij het «afronden»-gebaar, en hoewel je over de tijd heen kunt gaan, voel je je toch ongemakkelijk. En dus breek je af en ga je naar het volgende onderwerp. Daar komt nog iets bij: je hoort van je omgeving eerder dat iets te lang duurt dan te kort. Bij de televisie zeggen ze al gauw dat iets gaat «trekken». Iemand die zeurt «trekt», een onderwerp dat te lang duurt «trekt», iemand die langzaam praat «trekt». Je moet opschieten, doorgaan.

Dat heeft te maken met de kijkcijfers. Mensen met weinig verstand, weinig herseninhoud dus, die televisie nog steeds zien als amusement, zijn niet in staat lang de aandacht vast te houden. Dat zie je op de scholen — vandaar dat tachtig procent op het vmbo zit — en dat zie je dus aan de televisie. En daarom moet alles kort. Korter. Kortst.

Maar Zomergasten hoeft daar niet aan te voldoen, zou je denken. VPRO. Eigengereid. Ongebonden. Intellectuelen.

Maar nee hoor. De VPRO moet daar ook aan voldoen. Niet van de VPRO zelf, maar van de net manager.

En daarom krijg je een verziekte Zomergasten.

Vroeger had je op de radio het Marathon-interview. Mooie radio. Duurde vroeger vier uur. Is nu al teruggebracht, om redenen die ik niet weet, naar drie uur. Maar goed, drie uur lang krijgt iemand de gelegenheid uit te leggen, te vertellen.

Op de televisie is dit onmogelijk — en dat is eigenlijk onbegrijpelijk. Ik wil Felix Rottenberg best drie uur, vier uur ondervraagd zien worden. Een mooi voorbereid interview, de papieren op tafel, en vragen maar.

Maar de redenering is: televisie is een visueel medium en dus moet je zaken laten zien. Maar we zien toch al de ondervrager en de ondervraagde? Nee, is niet genoeg. We moeten meer zien.

Wat ik mij afvroeg na de uitzending van Rottenberg — die ik best aardig vond, overigens — was: heb ik nou enig inzicht gekregen, meer dan uit zijn artikelen, in het denken van Felix? Weet ik nu iets meer hoe hij zijn keuzes maakt? Wat de basis is van zijn denken? Hoe hij precies de relatie ziet tussen kunst en politiek? Wat hij precies met de maatschappij wil? Welk mensbeeld hij heeft? Wat vond hij precies van Den Uyl? Hoe luidde precies zijn analyse over Wouter Bos? Ik kan met gemak nog honderd vragen stellen.

Ik verwijt het Zwagerman niet — al vind ik hem geen journalist en laat hij wel erg veel liggen door zijn bijna vermakelijke behaagzucht —, het is de dwingende formule van het programma waardoor de hoofdpersoon eigenlijk niet tot zijn recht komt.

Kortom, Zomergasten is uitgeput. Het programma is ook te veel gekopieerd. Je ziet op het ogenblik overal Zomergast-achtige programma’s ontstaan, en terwijl Zomergasten had moeten kiezen voor de diepte zijn er nog meer fragmenten in het programma gestopt.

Jammer.

Welke zomergast zegt eens: het programma ben ik. Geen fragmenten. Vraag mij alles.