Zondagmiddag

Zondag is kunstdag bij de publieken. Op 3 eerst Villa Achterwerk en Reiziger in muziek, elk in hun soort vreugdbevorderend. Na een uurtje politiek van één tot twee weer muziek. Concertregistraties, documentaires of nog ingenieuzer televisievormen als Yo Yo Ma’s dialoog met kunstenaars uit verschillende disciplines rond Bachs cellosonates. Vanaf twee uur speelfilms. Wie op de Volkskrant-critici en hun sterretjessysteem afgaat, stelt wanhopig vast dat alle moois slechts voor nachtbrakers of trouwe videotapers is weggelegd.

Behalve dan wat op de middag van de eerste (of zevende) dag is geprogrammeerd. Naar analogie van de term ‘wereldmuziek’ zou je daar van 'wereldfilm’ kunnen spreken: vooral producten uit verre oorden. En wanneer ze afkomstig zijn uit nabijer en qua filmtaal 'vertrouwder’ culturen, gaan ze over minderheden of over de relatie tussen die groepen en de dominante cultuur.
Te weinig is de televisie spiegel van de samenleving waar het de veelkleurigheid betreft. Enerzijds spant ze zich daarvoor te weinig in, anderzijds lijkt die opdracht te zwaar en in zekere zin onmogelijk: 'spiegel zijn’ lukt in veel andere opzichten (klasse, sekse, seksuele geaardheid, zelfs levensbeschouwing) immers ook niet. Een deel van de zenders streeft dat ook helemaal niet na, waardoor de verantwoordelijkheid bij deels onwillige publieken komt te liggen die de neiging hebben hun portie op het bordje van de NPS te deponeren. De zondagmiddag is een van de NPS-antwoorden op die maatschappelijke opdracht.
Niemand zal de illusie hebben dat ook maar één racist bekeerd wordt door het uitzenden van Essada uit Tunesië of Wariko uit Ivoorkust. Maar het programmeren ervan past in een open en nieuwsgierige houding die de westerse cultuur óók kenmerkt, waarbij de keuze voor de film een doodenkele keer door politieke/culturele correctheid lijkt ingegeven (en dan nog - te midden van scheepsladingen westerse filmbagger klinkt kritiek op een incidenteel folkloristisch curiosum nogal onzuiver) maar overwegend door artistieke criteria. Door Zhang Yimous Shanghai Triads worden immers heel wat meer snaren geraakt dan de cultureel-antropologische - alleen al de actrice Gong Li staat daarvoor garant. Natuurlijk zijn er lieden die de zondagmiddag een reservaat vinden en Tableau ferraille (Senegal, 1996) op woensdagavond geprogrammeerd willen zien in plaats van voetbal - zij zullen het koninkrijk der hemelen beërven, wat goed uitkomt, want pas daar zal een dergelijke programmering tot de mogelijkheden behoren.
Na de speelfilm vaak dans, de meest televisiegenieke aller kunstvormen. Er mag dan niets gaan boven fysieke aanwezigheid bij uitvoering in een zaal, bij een goede registratie van ballet gaat veel minder verloren van de magie van het kunstwerk dan in het geval van toneel. Bovendien toont de camera veel van wat in de zaal niet te zien is - wat, alweer, bij ballet voordeel is en bij toneel vaak nadeel. Mooier nog dan registraties zijn 'vertalingen’ van bestaande balletten van zaal naar scherm, waarin het talent van choreograaf en televisieregisseur gebundeld worden. En feest is het wanneer tv-regisseur en fotograaf Gert Weigelt in Through My Eyes een hommage aan vier grote choreografen brengt. Daarin wordt dans het materiaal waarmee televisiekunst wordt gemaakt.
En dan is het nog pas vier uur op Nederland 3.