kunst

Zonder mannen

Shirin Neshat

De Iraanse schrijfster Shahrnush Parsipur (1946) belandde eind jaren zeventig in de gevangenis toen ze protesteerde tegen de executie van schrijvers en dichters door het regime van sjah Pahlavi. Na de revolutie kreeg ze opnieuw problemen, nu door haar vrijmoedige boeken over vrouwelijke seksualiteit en de Iraanse obsessie met maagdelijkheid. Ook haar uitgever werd enige tijd vastgezet. Een van haar boeken, Women without Men, uit 1989, is nu verfilmd door haar landgenote Shirin Neshat (1957). Deze vertrok al ten tijde van de islamitische revolutie uit Iran, en vestigde zich in New York, waar ze zich in de jaren negentig tot een vooraanstaand videokunstenaar en filmmaker ontwikkelde. In 2006 wijdde het Stedelijk Museum Amsterdam nog een tentoonstelling aan haar werk. Daarvan staat mij vooral de merkwaardige, schrijnende film Turbulent bij. In Iran is het vrouwelijke artiesten verboden in het openbaar op te treden; in Turbulent is het scherm gesplitst; op de ene helft zingt een man, in een volle zaal, met applaus, op de andere zingt een vrouw, in het donker, in een lege ruimte. Het is een even stijlvol als kernachtig protest, met fijn gevoel voor de absurditeit van de situatie.
Women without Men is de eerste film die buiten de museale context succes heeft, met als hoogtepunt een Zilveren Leeuw op het filmfestival van Venetië, en hij gaat in Nederland in première op het Doku.Arts festival. Dat festival is gewijd aan de relatie tussen beeldende kunst, televisie en film, waardoor er zo ongeveer alles onder valt, maar dit jaar biedt het in elk geval ook een selectie recente Iraanse artistieke documentaires, en Neshats Women is daarbinnen bepaald een uitzonderlijk mooie film.
Parsipurs boek schildert de positie van vrouwen in Iran, geplaatst in 1953, ten tijde van de coup tegen Mohammad Mossadeq, die de sjah op de troon zou brengen. Vier vrouwen ontvluchten het straatgeweld op een afgelegen plek, waar ze troost en gezelschap vinden, en verhalen vertellen. Vanwege de precaire implicaties, maar wellicht meer nog in aansluiting op de grote Iraanse literaire traditie, heeft het verhaal een allegorisch, magisch-realistisch karakter. Neshats film neemt dat mythische gemakkelijk over: ze ziet de vrouwen in hun afzondering als een allegorie voor verandering - een vrouw laat zichzelf in een boom veranderen, een andere verschijnt als geest. Visueel is het zeer fraai - Neshat heeft een groot talent voor compositie.
Parsipur woont sinds 1994 veilig in de Verenigde Staten; Neshat nam haar film grotendeels in Marokko op, want het maken van films in Iran staat de laatste jaren onder druk. De studentenprotesten van vorig jaar hebben het regime nog sterker kopschuw gemaakt dan het al was. De arrestatie van regisseur Jafar Panahi, die nota bene dit jaar lid zou zijn van de jury op het festival van Cannes, was een verontrustend teken. Panahi is inmiddels op borgtocht vrij. Het Doku.Arts festival omvat ook werk van Ebrahim Mokhtari, Abbas Kiarostami en diens zoon, Bahman. Van hem is het bizarre The Treasure Cave, waarin de camera laat zien wat er voor aanstootgevende westerse meesterwerken liggen opgeborgen in de kelders van het Museum voor Hedendaagse Kunst in Teheran.

Doku.Arts, Eye Film Institute (malle nieuwe naam voor het Nederlands Filmmuseum) en SMART Project Space, Amsterdam, 9-13 juni. Shirin Neshat en haar co-regisseur Shoja Azari zijn bij de opening aanwezig