Zürich wil een businessplan voor Cabaret Voltaire

Bern – Toen Hugo Ball, Emmy Hennings, Hans Arp, Marcel Janco en Tristan Tzara honderd jaar geleden hun Cabaret Voltaire openden in Zürich, stond hun een ‘levend tijdschrift’ voor ogen dat radicaal zou breken met alle hypocriete waarden van hun tijd.

Ball was gedeserteerd uit het leger van de Duitse Kaiser en geschokt door zijn eigen aanvankelijke geestdrift voor de oorlog. De andere dadaïsten van het eerste uur waren jonge vluchtelingen die hun buik vol hadden van grote woorden, van holle retoriek, van kunst zelf eigenlijk. Liever namen ze betekenisloze klanken in de mond, maakten ze poëzie van willekeurig uit de krant geknipte woorden, muziek van stomme klanken. Zo ontstond in de splendid isolation van een Zwitserse artiestenkroeg de invloedrijkste kunstbeweging van de twintigste eeuw.

Nadat op 5 februari 1916 de eerste dada-avond had plaatsgevonden, sprak oprichter Hugo Ball in zijn dagboek van ‘een narrenspel uit het niets’. Tristan Tzara zag op latere leeftijd in dada ‘niet alleen maar het absurde, niet alleen maar een grap, dada was de expressie van een heel sterke pijn onder jongeren, geboren in de oorlog van 1914. Wat wij wilden was een tabula rasa van alle waarden van dat moment, ten gunste van de hoogste menselijke waarden.’

Met het einde van de oorlog in 1918 verlieten de dadaïsten Zürich. De Zwitserse autoriteiten vermoedden communistische agitatie en zagen die haveloze buitenlanders maar al te graag vertrekken. De beweging verspreidde haar antikunst verder in Berlijn en Parijs. Hoewel er nauwelijks een Zwitser aan te pas was gekomen, werd dada het meest succesvolle Zwitserse culturele exportproduct aller tijden. Niettemin stond Cabaret Voltaire decennialang te verkommeren. Toen bleek dat er met dada geld te verdienen viel, schrok bankiersstad Zürich wakker. In 2008 kwam er een dada-referendum. De gemeente kreeg toestemming Cabaret Voltaire te kopen en in te wijden als heilige culturele plek. Verleden week kwam het officiële bod. De bedoeling is het etablissement te schenken aan kunstenaars die er de geest van dada levend willen houden. Het probleem is nu: hoe doe je zoiets? Hoe conserveer je een gevoel van vertwijfeling van een stelletje deserteurs, morfinisten en ander ongeregeld? Hoe maak je een businessplan voor dada? Is er een markt voor Dada-Kugeln van Zwitserse chocolade? Wie anno 2016 wil provoceren als dada kan misschien maar beter photoshoppen.