Na zich vier jaar te hebben uitgesloofd voor de provincies, worden de kandidaat-Statenleden op 2 maart vermorzeld door landelijke partijperikelen.

ALS DE VERKIEZINGSSTRIJD voor de Provinciale Staten binnenkort echt losbarst, zal dat een bijzonder beeld geven. Huidige partijleiders, al is het bij het cda dan een onofficiële, zullen hard strijden om de stem van de kiezer. vvd-premier Mark Rutte, cda-vice-premier Maxime Verhagen, gedoogpartner Geert Wilders, pvda-leider Job Cohen en zijn collega’s van de andere oppositiepartijen in de Tweede Kamer zullen, meer dan anders als het om Statenverkiezingen gaat, te zien zijn in zaaltjes, op markten en op televisie. Tenslotte staat er 2 maart veel op het spel. Zoals de Eerste Kamer. Halen regeringspartijen vvd en cda samen met gedoogpartner pvv daar in juni, als de twaalf nieuwe Provinciale Staten de Eerste Kamer kiezen, de meerderheid, en zo niet, wat betekent dat voor het minderheidskabinet?
Misschien wel niet zo veel als de oppositie hoopt. Minister-president Rutte straalt uit dat hij het meent als hij zegt dat je als leider van een minderheidskabinet soms wint en soms verliest. Een voorstel dat verworpen wordt in de Eerste Kamer hoeft niet direct tot een kabinetscrisis te leiden. Dat was in het verleden als de regeringspartijen wel een meerderheid in de Senaat hadden ook niet zo. Belangrijk blijft wat vvd en cda te winnen hebben bij nieuwe verkiezingen.
Het cda niks. Want het ziet ernaar uit dat de christen-democraten na de klap van vorig jaar nog verder terugzakken in de gunst van de kiezer. De christen-democraten zouden begin maart wel eens de vijfde partij kunnen worden, achter de pvda. De sociaal-democraten, nu nummer twee, zouden dan zowel de pvv als de sp voor moeten laten gaan, zoals opiniepeiler Maurice de Hond begin deze week voorspelde. Na nieuwe verkiezingen zou het cda met zo'n slechte uitslag niet veel in de melk te brokkelen hebben. Rekken en in de regering blijven tot er hopelijk betere tijden komen, zal daarom het cda-devies zijn.
Een risico zou kunnen zijn dat de vvd de slechte uitslag van 2 maart er bij het cda in gaat wrijven. Dat kan de stabiliteit binnen het kabinet in gevaar brengen. Maar Rutte was bij de kabinetsformatie al zo coulant om het veel kleinere cda evenveel ministers te geven, dus die is daar alert op. Wat wel kan gaan wringen is de verdeeldheid binnen het cda die weer kan opflakkeren. Net zoals de verdeeldheid binnen de pvda en de sluimerende onvrede over Cohen naar buiten kan barsten als de sociaal-democraten het slecht hebben gedaan op 2 maart.
De Statenverkiezingen zijn dus politiek interessant, maar de kiezer zal niet op de leiders kunnen stemmen die overal te zien en te horen zullen zijn. Net zo min als op de veelal oud-politici door wie deze partijleiders zich laten seconderen in de verkiezingsstrijd. Want ook Loek Hermans (vvd), Eelco Brinkman (cda), Marleen Barth (pvda) en Roger van Boxtel (d66), om een paar van de reeds bekend zijnde lijsttrekkers voor de Eerste Kamer te noemen, staan niet op het stembiljet.
Nu is al te voorspellen hoe dat achteraf becommentarieerd gaat worden. Bij een hogere opkomst dan de ongeveer 46 procent die de laatste keren normaal was bij Statenverkiezingen zal dat als positief worden gezien. Dat de kiezer niet naar de stembus is gegaan uit interesse voor het provinciaal bestuur wordt gemakshalve vergeten. Juichend zullen ook de reacties zijn van vvd- of pvv-kandidaten die dankzij de populariteit van Rutte en Wilders een zetel weten te bemachtigen. Dat ze op de slippen van hun landelijke partijleiders de Staten binnen zijn gekomen en mogelijk zelfs gedeputeerde kunnen worden, doet er dan even niet toe.
Maar zuur zal het zijn voor de kandidaat-Statenleden van cda of pvda in bijvoorbeeld Limburg en Noord-Holland. Je zult in die provincies vier jaar je politieke benen onder het lijf uit hebben gelopen voor je partij en dan worden afgerekend op wat er landelijk speelt: omdat jouw cda is gaan regeren met gedoogsteun van de pvv, of omdat Wilders zo populair is in je provincie ook al doet de pvv-leider daar zelf helemaal niet mee, of omdat telkens maar wordt gezegd dat pvda-leider Cohen het zo slecht doet in de Kamer. Dat zal tot ontevredenheid binnen die partijen leiden. Dat proefde je al op het partijcongres van het cda, toen daar in het najaar werd besloten te gaan regeren met gedoogsteun van de pvv. Nu gaan cda'ers in een andere bestuurslaag de gevolgen van die beslissing mogelijk ook echt voelen.
Zuur zal het ook zijn voor kandidaat-Statenleden van de partijen die minder in trek zijn dat de populaire pvv in een aantal provincies mensen op de lijst heeft gezet die elders al een politieke functie bekleden. Zo is de uit de Tweede Kamer bekende Hero Brinkman lijsttrekker in de provincie Noord-Holland. Hoe hij die twee functies gaat combineren? Door het goed te organiseren, zegt hij zelf.
Brinkman is inmiddels een routinier in de Kamer, maar hoe gaan de nieuweling in het parlement en pvv-lijsttrekker in Flevoland, Joram van Klaveren, en de nieuweling in het Europees Parlement en pvv-lijsttrekker in Limburg, Laurence Stassen, dat werk combineren? Of geven zij alle drie, net als partij-genoten Geert Wilders en Sietse Fritsma, als de buit binnen is het stokje snel door aan minder bekende pvv'ers? Nog geen jaar geleden was pvv-Kamerlid Sietse Fritsma in Den Haag lijsttrekker bij de -gemeenteraadsverkiezingen, maar hij heeft het raadswerk daar inmiddels voor gezien gehouden. Wat hem niet belet nu weer als lijstduwer voor de Provinciale Staten van Zuid-Holland op te duiken. Terwijl toch ook de lijstduwer van vorig jaar in Den Haag, de met voorkeurstemmen gekozen Geert Wilders, zijn raadslidmaatschap al weer heeft opgegeven. Zuur voor hun kiezers. Maar ook hier lijkt de pvv mee weg te komen.