Zwartlezen

De hardcore Willem Frederik Hermans-freaks haastten zich afgelopen weekeinde naar de Amsterdamse boekhandel Athenaeum. Daar zou Hermans-vorser Tonnie Luiken het langverwachte Sterfboek(2 presenteren. Luiken publiceerde in ‘94 het eerste Sterfboek en hield daar een flinke kater aan over. De erven Hermans, weduwe Emmy en zoon Ruprecht, spanden wegens grove auteursrechtschendingen een proces tegen hem aan, wat tot een veroordeling leidde en Luiken tot twintigduizend gulden in de schulden dreef. Met de opbrengst van Sterfboek(2, dat verschijnt in een oplage van zeshonderd en 55 gulden kost, hoopt hij daar uit te geraken. Het tweede Sterfboek staat weer boordevol spectaculaire onthullingen over het privéleven van De Meester.

Maar al wat de hermansianen afgelopen zaterdag in Athenaeum zagen; geen presentatie. Tonnie Luiken: ‘Ik had wel degelijk een afspraak met Guus, de baas van Athenaeum. Maar die was er zaterdag niet. De afspraak stond al wekenlang vast. Als het boek uit was, zouden we definitief bepalen wat we zouden doen. Drank? Muziek? Nee, Guus wilde niet te veel herrie.’ De presentatie mocht dan afgeblazen zijn, de boekhandel aan het Spui was het Sterfboek wel al aan het verkopen. Luiken: 'Maar vanonder de toonbank! Het stapeltje was afgedekt met een oude krant. En dat overkomt mijn boek! Athenaeum is een uitstekende boekhandel. Ze lopen in alles voorop. Je kunt er allerlei anarchistische en terroristische boeken kopen. Maar Sterfboek(2 was kennelijk te explosief om in de winkel te leggen.’ Rouwig is Luiken er overigens niet om. 'Zo'n semi-illegale status is goed voor een boek. En toen de presentatie niet doorging hebben we een feestje gevierd aan de overkant, bij café Zwart.’