Zwijgen over het EU-referendum

Het Europees referendumseizoen is begonnen, met een aftrap van Jean-Claude Juncker.

Medium commentaar 2 2016 eu zwijgen

In gesprek met NRC Handelsblad zei de voorzitter van de Europese Commissie dat een Nederlands ‘nee’ in de volksraadpleging in april over de EU-associatieovereenkomst met Oekraïne ‘de deur zou openen naar een grote continentale crisis’ waar Rusland zijn voordeel mee doet. Die stelling werd hem niet in dank afgenomen. Van links tot rechts reageerden Nederlandse politici als door een wesp gestoken. Junckers woorden waren ‘intimidatie’ (Wilders), een ‘onnodig dreigement’ (Samsom) en een bewijs van ‘de totale minachting van de bevolking door een kleine Brusselse elite’ (Roemer).

Het verwijt dat Juncker de burger minacht, is hypocriet. De dag voordat de Kamerleden Junckers opvattingen over het referendum uit de krant vernamen, spraken ze zelf met hem en de andere eurocommissarissen in het kader van het Nederlandse EU-voorzitterschap. Let wel: achter gesloten deuren, zodat ‘een meer open gedachtenwisseling’ kon plaatsvinden. Voor de Europese Commissie was die stiekemheid niet nodig. Maar de Haagse politici vonden het blijkbaar in orde om pers en burgers te weren van een overleg over cruciale zaken als het vluchtelingenvraagstuk en de Europese begroting. Over minachting van de bevolking gesproken.

Han ten Broeke van de vvd vond dat Juncker ‘weer eens een mogelijkheid voorbij heeft laten gaan om zijn mond te houden’. Wat wil Ten Broeke? Een mondprop voor Juncker en andere EU-functionarissen? Een Juncker die op een volstrekt logische vraag van een journalist antwoordt: ‘Daar ga ik niets over zeggen’? Het verwijt zou precies hetzelfde zijn: ‘minachting van de burger!’ Als EU-leiders in Brussel plannen smeden, zijn het losgezongen technocraten. Als ze publiekelijk een uitspraak doen over hun wensen voor de EU wordt de Nederlandse politieke klasse boos. Het is niet goed of het deugt niet.

De opgepompte verontwaardiging is een poging om de aandacht af te leiden. Juncker deed namelijk iets wat de meeste Nederlandse politici zelf niet willen of durven doen, uit angst dat het stemmen kost: het al te openlijk opnemen voor de EU. Ook dat is hypocriet. Met uitzondering van de pvv, de Partij voor de Dieren en de SP gingen alle partijen in de Tweede Kamer akkoord met de associatieovereenkomst met Oekraïne. Nu diezelfde politici een kans krijgen hun overtuiging kracht bij te zetten, geven ze niet thuis en krijgt het nee-kamp nauwelijks tegenspraak. De vvd heeft laten weten niet de straat op te gaan voor een ja-stem. De gekozen strategie lijkt: hopen op een geringe opkomst.

Diederik Samsom schreef op Facebook dat een ‘ja’ bij het referendum nodig was omdat het de handel tussen Oekraïne en Nederland bevordert, en helpt bij de strijd tegen corruptie en voor mensenrechten in Oekraïne. Gaat hij ook met een bos rozen de straat op, om mensen van die boodschap te overtuigen? Of is dat campagnemiddel alleen bedoeld om stemmen op de eigen partij binnen te halen? Er is alle reden voor Samsom om dat te doen, als zijn overtuiging gemeend is. Opinieonderzoeken laten zien dat enige uitleg over het referendum een nee-stemmer makkelijk kan overtuigen een kruisje bij ‘ja’ te zetten.

Wat Juncker deed was de handschoen opnemen die Geenpeil en anderen hebben toegeworpen: hij maakte de referendumdiscussie tot inzet van felle politieke discussie, met alle stemmingmakerij die daarbij hoort. De Nederlandse politici ondertussen worden boos als dat gebeurt en proberen openbaar debat en Europese besluitvorming bij elkaar vandaan te houden. Het dreigende slotakkoord: Nederland verschuilt zich straks in Brussel achter het sentiment van de EU-kritische burger als er een ‘nee’ uit de stembus komt. Juncker vond dat de Nederlandse kiezer moet beseffen dat ‘hijzelf Europa is’. Het zou fijn zijn als de Haagse politiek daar ook meer blijk van zou geven.


Rectificatie 15-01-2016: in en eerdere versie van dit commentaar werd de SP niet genoemd als tegenstander van de associatieovereenkomst met Oekraïne.